Heemkundevereniging Gl - Sjakel februari 2000
 
 


De Sjakel
Februari 2000

Geulle in vroeger tijden
18. Wonen en werken 1.

In deze aflevering wil ik iets vertellen over de leefgewoonten van de bewoners van onze Maasstreek tijdens de tijd van de Band-keramiekers en die van de Romeinen. De eerste primitieve landbouw en veeteelt begon hier rond 5000 voor Christus toen de Bandkeramiekers naar onze streken kwamen. Zij vonden in het Maasdal voldoende water en vis, klein wild in de loofbossen en vruchtbare lössgrond. Van rondtrekkende jagers werden zij geleidelijk aan boeren met een min of meer vaste woonplaats. Zij brandden een stuk van het bos af en zaaiden het graan in de nog warme as. Omdat zij niets wisten over ploegen en bemesten was de grond na enkele jaren uitgeput. Dan werd een nieuw stuk bos afgebrand, ontgonnen en ingezaaid. Als alle bosgrond in de buurt was opgebruikt trok de kleine gemeenschap naar nieuwe bossen en begon daar opnieuw. Na verloop van tijd keerde men terug naar het oorspronkelijke "dorp" en brandde de nu overwoekerde voormalige akkers weer af. In onze Maasstreek hebben de Bandkeramiekers ook geleefd, o.a. tussen Geulle en Elsloo. Schuin boven de Elsloër-duiker vond dr. Beckers leem- en afvalkuilen die bij hun woningen hebben behoord. De Band-keramiekers kwamen uit Hongarije en omgeving. Zij hanteerden o.a. stenen gereedschappen en hun woningen waren ongeveer 30 bij 6 meter groot. Ze waren in drie delen opgesplitst door wanden van een soort vakwerkbouw zoals wij deze nu nog kennen.

Voor de komst van de Romeinen waren hier nog geen steden of dorpen maar hooguit wat kleinere Germaanse of Keltische neder-zettingen. Ook in onze regio was er indertijd heel veel bos. Rond de Romeinse legerkampen en uitkijkposten ontstonden langzamerhand dorpen en steden, zoals bijv. Maastricht, Meerssen en Heerlen. Via heirbanen waren de legerkampen met elkaar verbonden. Zo'n weg liep door Geulle boven, waar nu de Heirweg en Heerenstraat liggen. Langs deze doorgaande wegen ontwikkelde zich het economische leven. Er werden onder meer grote herenboerderijen gebouwd. In Geulle lag er een tussen de Snijdersberg en het Steegske. Over de tweede bestaat onduidelijkheid; deze kan bij de Scheerstraat of op de Bloemberg hebben gelegen. Ook de oorspronkelijke bewoners van onze Maas-streek leerden veel van de Romeinen, zoals het aanleggen van wegen, het maken van bakstenen en dakpannen, het bouwen van stenen huizen, de akkers bewerken met o.a. ploeg en eg plus graan malen en brood bakken.

Deze aflevering van "Geulle in vroeger tijden" wil ik afsluiten met een schets hoe de bewoning van ons dorp vanuit de eerste nederzetting op de oever van de Maas door de eeuwen heen gegroeid kan zijn tot en met Geulle boven. De vroegste vaste bewoners vestigden zich op verhogingen langs de rivier. Later ging de herder de berg op om zijn kudde in en rond het bos te laten grazen (de heerdgang). Nadien werden rond de drinkpoel op de berg woningen gebouwd, hetgeen weer uitgroeide tot een gehucht of dorp. In ons geval was dat Geulle boven de berg. In de volgende aflevering wil ik iets vertellen over de leefgewoonten ten tijde van Karel de Grote en kort daarna.

Archi(e) Varis.

    Literatuur:
  • 1. Limburgs verleden. (1976)
  • 2. Waar de brede stroom der Maas. (1972)
  • 3. Uit Geul's verleden. (1926)
  • 4. Meerssen impressies uit het rijke verleden van een jonge gemeente. (1994)
  • 5. De Natuurgids. (1995, nr.2)



Een verre nazaat van de familie Cox op bezoek in Geulle

Enkele jaren geleden stelde wijlen Pastor Hartmann ter vertaling uit het Engels een verslag in mijn handen van een reis per boot door Europa die in 1989 werd ondernomen door Arne Cox en zijn vrouw Berit Meuller uit Halmstad (Zweden), op zoek naar hun voorouders. Uit dit reisverslag blijkt o.m. het navolgende.

Vanuit Frankrijk kwamen Arne en Berit via de Maas in Belgie in Eijsden terecht. Hier vonden zij op het adres Diepstraat 70 het huis van de zus van Arne's bed-overgrootvader, Johanna Theodora van den Ham, geboren Cox (1830-1905), terug.

Op het Nederlands Hervormd kerkhof van Eijsden troffen zij haar grafsteen aan. Johanna Theodora Cox werd geboren te Beek als derde kind van Dominee Johann Herman Cox en Johanna Maria Gertrudus Bausch. Evenals haar broers en zussen ging ook zij naar Nederlands Oost-Indië. Hier werkte zij waarschijnlijk als gouvernante. In 1861 trouwde zij met een officier in ruste, Wouter M. van der Ham. Het echtpaar kreeg geen kinderen. Hij stierf in 1878 te Breda. Zij leefde hierna een tijdje samen met haar moeder en een zus, doch toen ook deze waren gestorven verhuisde zij naar Eijsden. Bij haar dood in 1905 liet zij een fortuin achter, waarvan het merendeel was belegd in Russische en andere spoorwegen.

Vanuit Eijsden wordt ook een bezoek gebracht aan wijlen Pastor Hartmann en zijn huishoudster. In Geulle leefden en werkten als Predikanten Arne's bed-overgrootvader en diens vader Dominee Willem Hendrik Cox (1743-1804) en diens zoon Dominee Johan Herman Cox (1792-1846).

Willem Hendrik Cox (1743-1804) werd als Wilhelm Heinrich Cox geboren in Kirchherten, in het Hertogdom Jülich als zoon van Dominee Petrus Cox. Na de Latijnse school - waarschijnlijk in Wickrathberg - studeerde hij theologie aan de protestantse universiteit van Duisburg. In 1777 werd hij Kandidaat-Dominee in Kirchherten en huwde vervolgens met Catharina Petronella Nijssen uit Voerendaal. Het echtpaar kreeg drie kinderen. In 1779 werd Willem Hendrik benoemd tot Dominee in Geulle.

Omdat Geulle destijds nog niet zelf een protestantse pastorie had vestigde hij zich te Beek. Nadat hij zich tot de Regering in Den Haag had gewend omtrent de noodzaak van een nieuwe pastorie, liet de Gemeente - zij het met tegenzin - voor hem een pastorie bouwen en verhuisde men in 1783 naar Geulle. Geulle lag aan de Maas. Vele jaren daarvoor was reeds de mogelijkheid geschapen om een zondagsdienst bij te wonen in Geulle en dat was vooral bedoeld voor de schippers die op de Maas voeren. Evenals zijn voorgangers preekte Willem Hendrik Cox in de RK Kerk van Geulle. Tijdens de protestantse kerkdienst werden gordijnen neergelaten om een en ander te maskeren. Dit systeem werd genoemd "simultaan-kerk". In 1795 werd Limburg bezet door de katholieke Franssen en Dominee Willem Hendrik Cox ontving vanaf toen geen salaris meer. De RK Gemeenschap Geulle gooide de familie Cox daarop uit de pastorie, die vanaf dat moment het onderkomen zou worden van meneer Pastoor.

De laatste jaren van zijn leven was Willem Hendrik Cox ziek. Het aantal van zijn "parochianen" verminderde sterk. In 1828 stierf de laatste protestant in Geulle. Vanaf 1812 was de Dominee van Beek tevens verantwoordelijk voor de protestantse gemeenschap van Geulle.

Johann Herman Cox (1792-1846) werd geboren te Geulle. Hij studeerde theologie aan de Rijksuniversiteit te Leiden en werd in 1815 benoemd tot Kandidaat-Dominee te Beek. Vanaf het begin schreef en sprak hij in het Duits. Op grond van een Koninkljk besluit uit 1816 moest hij voortaan de Nederlandse taal bezigen. In 1823 huwde hij Johanna Maria Gertraud Bausch uit Beek. Het echtpaar kreeg acht kinderen. Na de Afscheiding van Belgie in 1831 probeerden de Katholieken de Protestanten te verjagen. Daarom besliste de Gemeente Beek in 1831 dat het de Protestanten niet langer geoorloofd was om de (enige) kerk nog langer als simultaan-kerk te gebruiken. Protesten van de zijde van de Dominee haalden niets uit en er zat voor hem niets anders op dan de kerkdiensten voortaan in de pastorie in Beek - hier gebouwd in 1723 - te houden. In 1836 kon met financiële steun van de Staat, de Provincie en de protestantse gemeenschap een kleine protestantse kerk, met kerkhof, worden gebouwd in de tuin van de pastorie te Beek. De eerste steen werd gelegd door de toen 10 jaar oude dochter Barbara Godefrieda Cox. Johanna M.G. Bausch, Cox 's echtgenote, stierf in 1884, 77 jaar oud.

Van de acht kinderen vertrokken er zeven naar Nederlands Oost-Indië. Een kind bleef in Nederland. Een van de kinderen was Willem Hendrik (1834-1884), van beroep koopman en vader van Arne's grootvader Willem Hendrik (1861-1933).

S. Webers



Politie varia

  • In de Oudejaarsnacht werd een PTT brievenbus op de hoek van de Moorveldsberg en de Maastrichterweg door vuurwerk vernield. Daders zouden een drietal jongeren zijn.
  • Op dinsdag 4 januari werd een rijverbod opgelegd aan een bestuurder die in zijn personenauto op de Markt in slaap was gevallen.
  • Op 5 januari vond er een eenzijdig ongeval plaats op de Hussenberg-straat. Een bestuurder van een motor werd verblind door de zon en botste vervolgens tegen een geparkeerd staande bedrijfsauto. De motorrijder liep hierbij rugletsel op.
  • Op maandag 17 januari werd melding gemaakt van vernieling van diverse auto's op de Kleivelderweg tussen 7 en 17 januari. Auto's werden bekrast, vermoedelijk met een sleutel of iets dergelijks.
  • Op woensdag 19 januari werd naar aanleiding van meldingen van bewoners een snelheidscontrole gehouden op de Hussenbergstraat. In totaal werd de snelheid van 46 auto's gemeten. De hoogst gemeten snelheid bedroeg 56 km/u.
  • Op vrijdag 21 januari vond er een aanrijding met doorrijding plaats aan de Hulserstraat op het terrein van de lagere school. Benadeelde stond op de parkeerplaats en bij het wegrijden zag hij dat de auto beschadigd was.
  • Op vrijdag 21 januari vond er een inbraak plaats in een woning op de Essendijk. De dader was via de achterdeur de woning ingegaan. Ontvreemd werden een tv, video-recorder en een antieke klok.
  • Op 22 januari vond er een kleine aanrijding plaats op de Hulserstraat waarbij twee auto's elkaar raakten met de spiegel.
  • In de nacht van maandag 24 januari op dinsdag 25 januari vond er een inbraak plaats in een bestelauto op de Burgemeester Thijssenlaan. Van de auto werd de achterruit uit de rubbers gesneden, waarna o.a. gereedschap uit de auto werd ontvreemd.
  • Op donderdag 27 januari werd melding gemaakt, dat er tussen zondag 16 januari en woensdag 26 januari werd ingebroken in een vakantiewoning aan de Gank. Uit de woning werd alleen een televisie ontvreemd.
  • Op donderdag 27 januari werden op de Kanaalweg een drietal zakken met huisvuil ontdekt.
  • Verder zijn er de afgelopen maand wederom enkele meldingen van overlast jeugd binnen gekomen. O.a. op de Markt zou men weer de oude gewoonte hebben opgenomen. Verder op de hoek van Cruisboomstraat en de Heirweg, alwaar men passerende auto's zou lastig vallen. Verder waren er hakenkruisen met verf op de verkeersborden gespoten op de genoemde hoek. Voorts werd wederom het glas van de abri vernield.
  • Binnen het district Maastricht van de politie is een nieuwe regeling m.b.t. gevonden/ verloren fietsen van kracht. De in de gemeente Meerssen gevonden fietsen worden niet meer opgeslagen bij de politie te Meerssen. De gevonden fietsen zullen via de politie worden opgehaald en vervolgens zal de politie trachten om de eigenaar te achterhalen. Fietsen waarvan de eigenaar niet te achterhalen valt, worden opgeslagen in een hal aan de Heerderweg 154 te Maastricht (naast Praxis Bouwmarkt). Iedere laatste zaterdag van de maand tussen 11.00 uur en 13.00 uur wordt daar een fietskijkdag georganiseerd. Fietsen waarvan de eigenaar niet te achterhalen is worden drie maanden bewaard. Na deze termijn kunnen benadeelden van een fietsdiefstal, mits ze een aangifteformulier kunnen overleggen, een van de niet afgehaalde fietsen kopen tegen een lage vergoeding.
    • Gevonden: een GSM, kleur zwart, merk Boston 300.
    • Verloren: n.v.t.

Brig. Giesen



Geulle 50 jaar geleden....
Februari 1950.

  • Uit de heemkundevereniging is een sectie V.V.V. gevormd. Deze stelt zich ten doel het vreemdelingenbezoek aan Geulle te bevorderen en in goede banen te leiden. Tot bestuursleden werden benoemd de heren: L.Janssen, voorzitter, A. Baenens, secretaris, en C. Spaubeek, lid.
  • Op zondag 19 februari overleed de heer Louis Paulissen in de ouderdom van 85 jaren. Op reeds jeugdige leeftijd was hij werkzaam op het gemeentehuis en werd op 23-jarige leeftijd in de raadsvergadering van 20 november 1887 tot secretaris benoemd. Ruim 46 jaren heeft hij met kundige hand de pen gevoerd. Vooral zijn handschrift had ieders bewondering. Hiervan getuigen de oude registers. Op Aswoensdag 22 februari werd hij ten grave gedragen. Een overvolle kerk bewees dat hij een geziene figuur was. Hij heeft 16 jaren kunnen genieten van een welverdiende rust en een verzorgde oude dag.
  • In een bonte carnavalsstemming, met muziek en feest werden maandag 20 februari Frans Oligaarts en Guill Ummels door de inwoners hartelijk gehuldigd. De beide fanfares waren aanwezig en hielden de stemming er goed in. Dinsdag 21 februari keerde ook Antoon Rauh in zijn ouderlijke woning terug. Ook hem zal nog een huldiging ten deel vallen.
  • De woning met café van de heer Thijs te Hulsen 38 is verkocht en overgegaan in handen van de heer Wijnen te Gilse-Rijen. Het ligt in de bedoeling van de heer Wijnen ter plaats een pension met café te vestigen.
  • De Maas is buiten haar oevers getreden. Dit komt in deze tijd van het jaar vaker voor. Doch deze keer viel het mee. Alleen de Maastraat tot aan Welkenhuyzen stond onder water.
  • De Geulse Boys doen het goed. Ze staan 2 punten los van Vilt, 4 punten los van Schimmert. Een kampioenschap zit er aan te komen en hopelijk dan ook een lang verwachtte promotie.

Hein Peters.



Bonte Avond 2000

In een bomvolle "zaal `t Centrum" werd afgelopen zaterdag 22 januari de bonte avond gehouden van c.v. de Bokkerieërs. Om klokslag 20.11 uur barstte het programma los Zaate hermenie "sjei mer oet" en de raad van elf betraden de zaal, Cor Frissen heette iedereen welkom en gaf het woord over aan de twee presentatoren van vanavond, Edsje en Roolsje, in het dagelijks leven Eddy van Ria van Lowie en Ronald van Sandra (Troquet). Uitgedost als twee schoolkinderen namen zij de zaal op de korrel en de eerste act werd aangekondigd.

Het waren "De Kluiverkes" die de zaal in stemming kregen met enkele liedjes die door Paul Lemmens zijn gemaakt. Na dit optreden kwamen onze vrienden uit Hoensbroek, Duo Oetgesloape, die de zaal werkelijk op de banken kregen met hun schitterend optreden waarbij gezegd dient te worden dat de kleinste van het duo echt 'het einde' is.

Nu kondigden de twee schoolkindsjes een groep aan die zeker niet op deze avond mocht ontbreken, buurtvereniging In de Peel, een buurt die al vele, vele jaren een vaste act is op onze bonte avond en ook dit jaar was het weer te gek. Ria van Lowie (met de haren in een coupe ravage), Fredl Weigl, Paula, Tiny, Pieke Ummels en de rest van de buurt met enkele zware gymnummers lieten de zaal schateren. Direct hierna was het de beurt aan good-old Ton Laeven uit Treebeek, oud buute-kampioen, die de zaal al na een paar tellen op zijn hand had. Hij was de zolder aan `t opruimen en Geulle heeft het geweten.

Nadat de prijswinnaars van de wisselbekers van de vorige optocht de beker hadden terug-gegeven aan prins Peter 1 en prinses Marie-José was het tijd voor de plaspauze. Na de pauze was het onze eigen Jo Dohmen, die met medewerking van de hele Raad van Elf een levend drumstel op de bühne toverde, waarna prins Peter samen met Cor er een lange solo op afvuurde. Wiel Spee was het die als schoorsteenkap heel wat te verduren kreeg. Ook papa Frank moest het in dit geheel ontgelden. De laatste lach was nog niet verstomd of De Peel kwam met haar tweede optreden, en wat voor een.

Eerst Pieke Ummels in vuurrode legging gevolgd door oud-prins Uwe van "Effe Plenke", in ballerina uitvoering en last but not least Fredl Weigl als slanke den in balletpak. Hun toeren met de ballon brachten de zaal in vervoering. Hun afgetrainde lichamen denderden over het podium en het zweet spatte in `t rond.

Nu was het de beurt aan de vrouwluu van de Fanfare, die als zusters in een paterklooster de bühne opkwamen en heel vroom de nodige liedjes ten gehore brachten. Oppernon Marjan van Ties zorgde dat alles als een klokje klonk en dat de batsen goed getoond werden. Hierna was het de beurt aan de jongens van de Geraniums oet Venlo, eens iets heel anders in Geulle op de bühne, maar `t was top. Deze rasechte carnavalsartiesten brachten show en zang van de bovenste plank en de zaal vond het prachtig. Het is alleen jammer dat er achter in de zaal veel rumoer was, maar dat is al jaren zo en volgens ons ook niet tegen te houden. Na een optreden van een dik half uur vertrokken zij met een tevreden gevoel terug naar Venlo waar zeker nog over Geulle gepraat word.

Nu was het de buurt aan, - hoe kan het ook anders - de Harmonie, die net zoals bijna ieder jaar een schitterende act op het podium bracht, Harry Wintraecken als sjeik en Harry van den Hof als een deel van de kameel gevolgd door schitterende dames en rond-buikige heren, compleet met een slangen-bezweerder die door een technisch probleem hem niet helemaal omhoog kreeg (slang).
Al met al een puike voorstelling van de Harmonie, die het publiek wel kon waarderen.

Het was tegen de klok van twaalf en de grand finale kon beginnen al was het eerst Paul Lemmens die de Carnavalsslager 2000 ten gehore bracht en dit vol overgave deed. Een schitterend stukje muziek over de Zoepkar van de Bök.

Edsje en Roolsje bedankten iedereen die deze avond heeft doen slagen en vroegen alle artiesten op de bühne te komen waarna Paul nog een keer het liedje zong. Jo Lahoye nam de avond vanaf hier over en zorgde dat iedereen tot de klok van twee uur de voetjes op de vloer kon bewegen. Al met al een ouderwets gezellige Bonte Avond die, er deze 22 januari in Geulle op de bühne gelegd is en die zeker volgend jaar een herhaling krijgt.

Geulle, jullie zijn goed bezig!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

Comité Bonte avond 2000.



Brieven van Pieke Jr.

Dag mensen van Gäöl,
Het is alweer een paar jaar geleden, dat u de laatste brief van Pieke oet de Piemelehook, miene pap, onder ogen kreeg. Dat heeft natuurlijk zijn rejene. De pap werd de laatste jaren ook al wat ouder en het was niet langer mogelijk u wijer te informeren over wat er zoal in Gäöl gebeurde. De pap heef mij toen gevraagd dat van hem over te nemen; dat doe ik natuurlijk gaere en ook de meester is het daarmee eens, want die zeg, het wordt hoog tijd dat we weer eens goede joernaliste in Gäöl krijgen, zodat de mensen wete wat er los is en ik leer der ook nog wat van, dat is goed voor het studiehuis straks, al is mij niet gans klaar wat dat precies is. Ik weet wel niet of ik het zo goed ken als de pap, maar ik zal mijn best doen.

Hier is dan mijn eerste brief en ik had mij geen beter monument kunnen uitzoeken met het begin van het nieuw mielenium. Dat was me wel get, zeg. Hebt u hem ook zo geknepe? Mieljarde gulles heef het gekos om alles mieleniumproef te make. Harie van Merie dach nog dat het met de kuil wel eens mis zou kunnen gaan, maar dat is gelukkig hel meegevallen.

Veel gulles hebben ze ook uitgegeven aan het vuurwerk, vooral de jeugd, maar ook de oudere. De Noonk Sjang zei: hoe auwer de bok, wie harder de knal. Hij denkt dat de kindere allewijl wel verrekdes veel zondags-cente moete krijgen, want ter ware t'rs die al een paar daage vroeger begoste met schiete. De Noonk vraag zich af waarom die ouders daar geen Halt tegen zeggen en ik kreeg vijf gulles van hem, omdat ik geen vuurwerk had gekoch.

De dag erna was de Noonk wel blij dat die kinderen met de bessem bezig waren alles bij elkaar te keere: alleen de makadam was hier en daar nog wat rood, voor de res zag je der al helemaal niks meer van. Over dat vuurwerk hebben ze zich bij ons nog eens goed geënsjeld: Harie zei dat hij blij zou zijn als in de gemeenteraasvergadering eens de helf zoveel vuurwerk zou zijn, en toen zei de Noonk, dat kan niet want daar zitte te veel mannen en te weinig vrouwen en toen werd mij Merie toch zo giftig dat ik het hem maar snel geklipseert ben.

De Noonk en Harie make zich een beetje ongerus over de zachte winter tot nu toe. Dat schijnt niet goed te zijn voor het ongesiever; misschien komp er wel een echte plaag deze zomer zegge ze, zoals in het testament staat. Ik spits mij ook op de zomer maar eers mag het voor mij ook wel wat gaan sneeuwen, dan kunnen we de slei nog eens uithalen. Der is eevels niet zoveel meer te sleeje, vroeger hadden ze nog de Moorveldsberg en de Kaajeeveejop (waar dat ligt weet ik ook niet, maar Merie riep dat vroeger altijd, zegt Harie, als het sneeuwde) en nu hebben die van de gemeente zelles de Leunde toegemaakt. Daar is het laatste woord nog niet over gezag, zag de Noonk, dat komp nog voor de raad zijn staartjes en daar sturen die van Gäöl t'rs een paar heen die zich goed kunnen vreigele. Maar nu moet ik gaan eindige, Merie roept dat het eten vaardig is, dus, tot de volgende keer, met de groete van Pieke Jr. oet de Piemelehook.


Math Bollen, Geulle's eerste Professor

Onlangs is onze oud-dorpsgenoot Math Bollen benoemd tot Persoonlijk Hoogleraar op het gebied van de electriciteitsnetten aan de Chalmers Universiteit van Gothenburg (Zweden). Math, die pas 39 jaar oud is, is een zoon van Huub en Tilla van Bollen uit Broekhoven. Ondanks een zeer snelle carriere is Math "eine einvoudige Gäölse jong" gebleven, hetgeen hem siert. Ondanks een langdurig verblijf in het buitenland is hij zijn geboortedorp niet vergeten. Als de tijd hem dat ook maar even toelaat is hij in Geulle te vinden. Via de Sjakel is hij op de hoogte van alles wat er zo al in en om Geulle gebeurt. De redactie wenst de jonge Prof van harte geluk met zijn benoeming. Deze gelukwensen zijn ook bestemd voor Math's Chinese echtgenote en voor Math's trotse ouders Tilla en Huub.

Het zou de redactie niets verbazen, indien Math over enkele jaren in een andere Zweedse stad, Stockholm, de hoogste wetenschapsprijs, de Nobelprijs, in ontvangst zou mogen nemen. Math, nogmaals proficiat en ga zo door!

De redactie



Geulle op Internet

Zoals u in het januari-nummer van De Sjakel heeft kunnen lezen staat "Geulle" sinds kort op Internet (www.geulle.com).
De grote animator van dit geheel is Arthur Sassen. Uit de vele leuke reacties, afkomstig van mensen uit Geulle en van buiten Geulle blijkt dat hierrmee in een grote behoefte wordt voorzien. Arthur, ga zo door.

De redactie



Priesvraog.

Noe 't weer bienao veurjaor is en de natuur weer zien geheime geit onthulle, wille veer es redaksie van de Sjakel get geheime van Archi(e) Varis onthulle. Zowie geer wet is dat dae geheimzinnege sjriever van die stökskes euver "Geulle in vroeger tijden". Trouwens zou dae dat neet in zien eige mooderstaal kenne sjrieve? Me noe de belaofde informasie euver Archi(e):

  • In zien geboartehoes waor vreuger café 't Vagevuur.
  • Hae is dus van baove en woont dao noe nog.
  • Archi(e) is lid van de heemkunde-vereiniging.
  • Archi(e) haet op de waage van de iëste carnavalsprinses van Gäöl gestjange.
  • Vreuger waor hae lid van de beroemde buurtvoetbalclub: FC BENG!
    Dit moot genoog zin um oet te kenne zeuke wae dae geheimzinnege Archie Varis maog zin. Oplossinge kent geer inlevere bie de redaksie. Die luu die 't good antwoord weite kriege messjien eine hjerring. Die höbbe veer toch nog euver van esjgoonsdig.

    De redactie



    Regenwaterbuffers.

    De gemeente Meerssen is voornemens aan het Waterschap Roer en Overmaas vergunning te verlenen voor de aanleg van twee regen-waterbuffers te Geulle. Een buffer komt aan de oostkant van het spoor, ter hoogte van de voormalige (?) overweg aan de Leunde. Voor de ander wordt gebruik gemaakt van de molenvijver bij de Meule van Huntjens. Met name deze laatste locatie is voor de Heemkundevereniging aanleiding geweest enige kanttekeningen te plaatsen bij de plannen en deze kenbaar te maken aan de gemeente. Het gaat dan vooral om het bewaken van de cultuur-historische waarde van de muren aan de westzijde van de vijver en om de belangen van de flora en fauna (bijvoorbeeld overwinteringsplekken salamanders, reuzepaardestaart enz.).

    De Heemkundevereniging verwacht van de gemeente verder overleg over en inzicht in de plannen en de uitvoering daarvan. Zodra hierover meer bekend is, zullen wij de lezer nader berichten.

    De redactie



    Sleeën in de Moorveldsberg.

    Een terugblik.
    Enige tijd geleden las ik in het mededelingen-blad van het bejaardentehuis Avé Maria (Oos Blaedsje) het ingezonden verhaal van een van de bewoonsters, mevrouw Fraiquin. Zij vertelt hoe zij vroeger met haar ouders wel eens tochtjes door Zuid-Limburg maakte.

    In de verkenning van Limburg was Geulle vaste prik, de bossen, de mooie uitzichtpunten zoals de Snijdersberg en de Pendersjansknub. Uit haar herinnering noemt zij ook de Moorveldsberg, de steile helling waarin Felix Rutten en Marie Koenen hebben gewoond in het pand dat later als hotel Schieversberg grote bekendheid heeft gekregen. Minder bekend van dit pand is dat er enkele jaren de katholieke jeugdvereniging, in de volksmond de kajevee, in gezeten heeft. De oudere Geullenaren zullen zich dit begrip onge-twijfeld herinneren, niet in combinatie met de jeugdvereniging van weleer maar als de luide kreet van de sleeërs die met een rotvaart van de helling naar beneden gleden. Als de sleeër in het tweede deel van de helling wilde uitwijken naar het weggetje omhoog, uitlopend in de tuin van Schieversberg, dan riep hij met krachtige stem: "Pas t'r op, de kajevee op"! Over het sleeën in die 'oude' dagen gaat dit verhaal.

    De Moorveldsberg.
    In de jaren veertig en ook nog lange tijd in de jaren vijftig was de Moorveldsberg niet geasfalteerd. Het was een weg, verstevigd met stolgrind. Om de zoveel tijd werden de gaten in de weg met kar en paard door de kantonnier opgevuld met nieuwe stolgrind. In deze met grind opgevulde gaten was het risico van vallen met de fiets altijd levensgroot aanwezig want bij het minste of geringste sloeg het stuur om in de rulle kiezel of op een grote, losliggende kei. In de steile helling was nog weinig verkeer in die tijd. In Geulle waren omstreeks 1950 maar weinig autobezitters (jonkheer van Afferden en Mont Alberigs en Gène van Guske van de gelijknamige taxibedrijven). Van hen kwam geen drukte. Het verkeer bestond voor-namelijk uit fietsers, voetgangers en een enkele boerenkar (die bij het afdalen in de helling al van ver hoorbaar was aan het gepiep van de remmen).

    Bij sneeuwval.
    Bij sneeuwval was de eerst gestelde vraag: is de Moorveldsberg al afgesloten? De vraag was even vanzelfsprekend als het verlangen van de bewoners van Soestdijk in de conference van Wim Sonnneveld in de bij herhaling gestelde vraag: "Is 't eitje er al?" Overigens, voor het afsluiten van de weg was vanwege het geringe verkeer niet veel nodig. Boven en beneden aan de helling werd door de gemeente Geulle een bord geplaatst en de lokale vervoerders wisten dat zij een andere weg moesten nemen. Alleen hotel Schievers-berg was niet meer bereikbaar en een enkele gast zal het hotel alleen maar te voet hebben bereikt. De andere publieke vervoerders zoals taxibedrijven en Thijssen Tours wisten dat zij na sneeuwwal gebruik moesten maken van de Slingersberg of de Snijdersberg (als die tenminste ook niet gebruikt werd voor het sleeën!).

    Het sleeën.
    Zodra glad geworden door sneeuwval werd er in de Moorveldsberg gesleed van 's morgens vroeg tot 's avonds laat. Jong en vaak ook ouder, jongens én meisjes krioelden door elkaar heen. Het was een volledig geëman-cipeerd gebeuren. Voortdurend denderden ijswagels en sleeën naar beneden. Gelijktijdig liepen de andere 'weggebruikers', de slee achter zich aantrekkend, langs de kant van de weg naar boven. De meeste sleeërs beschikten over een 'ijswagel', een recht-hoekige kist met daaronder ijzeren banden (rooien genaamd). Bij het eerste gebruik zijn de rooien van de ijswagels nog helemaal roestig maar na een paar keer helling op en neer blinken die als een dolk. De ijswagels zijn vaak nogal kort (zeg: zeventig centimeter tot een meter). Rechtop zittend ging wel maar eiste meer stuurmanskunst. Liggend stak je met je hoofd een eind voor de ijswagel uit en dat verhoogde het risico op letsel in geval van een botsing. En botsingen deden zich voor. De meer moderne uitvoering was de slee, op ronde of platte ijzers, die over het algemeen veel langer was dan de ijswagel. De sleeën met ronde ijzers, zogenaamde ijsrooien, waren minder geschikt in rulle sneeuw (te diep wegzakken waardoor te veel remming). Het meest revolutionair van alle sleeën was wel de 'mool', een sleeconstructie van de gebroeders Nijsten uit Moorveld. Op twee ijswagels was een stevige plank bevestigd waarop de sleeërs (5 tot 7 personen) plaats konden nemen. Op de kop-ijswagel was een houten grip gemaakt waarmee gestuurd kon worden.

    Waarschuwing.
    Al naar gelang het soort veroorzaakten de sleeën over de hobbelige weg een dof, rommelend geluid (het geluid moet iets weg gehad hebben van het geluid bij de aardbeving!). De ijswagels maar vooral de mool waren al van ver te horen. Het grommend/ronkend geluid was altijd de waarschuwing: langs de kant, er komt of er komen sleeën de 'berg' af. De beste waarschuwing kwam echter van de sleeërs zelf. Iedereen die met zijn slee of ijswagel naar beneden denderde, begon op het rechte stuk tussen nu huize Crombag en de Schieversberg hard te schreeuwen: "pas t'r op, de kajevee op!".
    Deze kreet was algemeen en gold eigenlijk als het alarmnummer in die tijd. In het woord "kajevee" ligt de verbinding met de functie welke huize de Schieversberg in de jaren dertig en mogelijk ook nog begin jaren veertig heeft gehad als onderkomen voor de katholieke jeugdvereniging. Overdag en met name op vrije middagen (de zondag incluis) was het erg druk met sleeën. Zo tegen zessen als het etenstijd was, kwam er een kleine dip in het aantal sleeërs maar daarna trok dat het aantal bezoeker weer aan. Het sleeën ging vaak door tot in de late uren en tijdstippen van 10 en 11 uur in de avond waren heel normaal.

    Een wedstrijd.
    Het enthousiasme voor sleeën was in die dagen zo groot dat er in het begin van de jaren vijftig zelfs een heuse wedstrijd georganiseerd is. De organisatie was in handen van leden van de heemkunde-vereniging Gäöl (onder andere de heren Banens, Claessens en Thijssen). "We hadden het geluk van wat strenge winters met langdurige vorstperiodes en voldoende sneeuwval", zo vertelt Wiel Claessens ruim veertig jaar later. Er moesten allerlei voorbereidende handelingen verricht worden zoals het huren en aanleggen van een omroepinstallatie. Met kabels en luidsprekers was dat in die dagen geen kleinigheid. Ook was er reclame gemaakt onder andere via de Regionale Omroep Zuid, de Limburgse omroep. Wedstrijdsleeërs konden zich op de dag van de wedstrijd - een zondag - laten inschrijven bij de organisatie die boven aan de Moorveldsberg had plaats genomen. Via de omroepinstallatie kon de speaker het moment van de start en de naam van de sleeër bekend maken. Het woord 'start' was voor de tijdwaarnemer beneden aan de helling het signaal om de tijdklok in werking te stellen en even later de exacte tijd af te klokken.
    Dankzij de techniek van de omroepinstallatie kon de tijd opgenomen worden maar waren de toeschouwers ook geïnformeerd over degene die de helling af kwam denderen. Er waren veel toeschouwers die in één lange rij van boven tot beneden even voorbij de Schieversberg aan weerszijden van de weg stonden. Ter hoogte van de Schieversberg stonden de meeste toeschouwers, rijen dik, want daar was in de helling het moeilijkste punt om al sturend goed beneden te komen. Op die plek bereikten de sleeërs ook de hoogste snelheid.

    De deelnemers.
    De deelnemers waren voornamelijk uit Geulle afkomstig maar als gevolg van de reclame via de radio waren er ook 'buitenlandse' deelnemers uit onder andere Hulsberg. De deelname van die 'vreemdelingen' had ook nog bijna moeilijkheden opgeleverd. Die mensen hadden een voor die tijd al erg geperfectioneerde slee terwijl het gros van de Geullenaren niet verder kwam dan een 'eigesgemaakte' ijswagel. De Geulse ijswagels waren duidelijk geen partij voor die moderne sleeën die daarom buiten mededinging mochten meedoen. Van de deelnemers is nog te melden dat jong én oud, jongens en meisjes, aan de wedstrijd hebben deel-genomen. Tot de oudere deelnemers behoorde Harrie Janssen van het Westbroek, plaatselijk bekend als 'Harieke van Drik'. Maar er zullen ook nog andere generatiegenoten van Harieke hebben deelgenomen.
    Terugblikkend op de wedstrijd, de hoge snelheid van de sleeërs en met in de herinnering de vele toeschouwers die aan weerszijden van de weg stonden, kan men rustig zeggen: iets dergelijks zou nu vanuit veiligheidsoverwegingen niet meer mogelijk zijn. Voor de sleeërs was weliswaar een strook van twee tot drie meters weg beschikbaar maar hun snelheid was zo hoog dat zij bij een onverhoedse beweging (zonder remmogelijkheden!) altijd tegen toe-schouwers zouden op botsen.

    Een incident.
    Tijdens de wedstrijden hoorden de toeschouwers via de microfoon allerlei (achtergrond)geluiden. Plotseling was er in die geluiden sprake van lichte consternatie. We - de toeschouwers - hoorden iets van: "Houd ze tegen, houd ze tegen!".
    Vervolgens wat verwarde geluiden en dan met stemverheffing van de speaker: "er komt een slee buiten wedstrijdverband naar beneden". De jongens van Nijsten waren erin geslaagd met de mool door het veiligheidscordon te komen; met de lange slee denderden zij in rotvaart naar beneden, tot sensatie van de vele toeschouwers.

    Een ongeluk.
    Het sleeën was niet zonder risico's. Voortdurend zoefden sleeërs naar beneden, vaak met enkelen achter mekaar of, wat ook nog wel eens gebeurde dat twee of meer sleeërs elkaar vasthielden en dan als een lange sliert naar beneden gingen. Bij het minste of geringste kon dan een botsing ontstaan met het opkomend voetverkeer. In de winter van 1953 liep dat een keer fout af. Terwijl Henk Spee met zijn slee naar beneden gleed, stak ter hoogte van de kajevee (het latere hotel Schieversberg) Lei van An (Leo Thijssen) te voet de weg over, de slee achter zich aantrekkend. In die combinatie botste Henk Spee op de slee van Lei van An. Henk had de pech dat hij daardoor een been brak. Door de omstanders werd hij hotel Schieversberg ingedragen en liefdevol opgevangen door de gerant, dhr. Thei Cremers, die huisarts en Groene Kruiszuster alarmeerde. Hoe Henk vanuit de spekgladde Moorveldberg in de ziekenwagen kon komen, vertelt het verhaal niet. Het slachtoffer en ook diens vader Mat die bij het ongeluk aanwezig was, weet zich dat niet meer te herinneren. Wel weet Mat nog dat hij de spalken waarmee het been van zoon Henk provisorisch gezet werd, later als aandenken geschonken heeft aan dhr. Cremers van de Schieversberg.

    Oproep.
    Mensen die van het sleeën in de Moorveldsberg nog een anekdote of ander voorval weten te melden, kunnen dat melden bij Paul Notten in Moorveld, tel. 364 54 16. Uw reactie wordt op prijs gesteld in het belang van een zo volledig mogelijk verhaal over het sleeën in de berg.

    Paul Notten.



    Kennisgeving
    In de heer is overleden

    • Op 14 januari 2000, Maria Ramakers, echtgenote van Hubert Panis, op 70-jarige leeftijd.



    In Memoriam Lieske Vossen

    Lieske,
    Je bent zo stilletjes weggeslopen uit het koor.
    Tot het laatste moment was je een en al oor
    voor alles wat er te doen was.
    Op je fiets reed je kras
    naar de repetities en de kerk
    want zingen was je levenswerk
    te midden van al je vriendinnen 23 jaar lang.

    Lieske, we missen je gevatte opmerkingen.
    Er valt echt een vaste plaats open,
    want iedereen schoof opzij;
    jij stond daar midden voor en wij,
    wij gunden je de plek en gaven je een stoel,
    want staan ging niet meer zo goed.

    Lieske, het is vreemd en onverwacht
    dat wij nu hier staan, een beetje onhandig.
    We hadden nog wat jaartjes samen
    willen zingen, hier en elders.

    Wij geloven dat je volgens de droom van Jesaja
    voor altijd kunt uitrusten te midden van de geiten,
    de bokken en de schapen zoals een kerstlied zegt;
    dat lied dat jij nog voor deze kerst had uitgezocht.

    Lieske, in wat we zingen neuriet je altstem door,
    in onze herinneringen leef je door.
    Zo af en toe komen we je nog wel begroeten
    bij je graf. Adieu! Rust in Vrede!

    John Schreurs (dirigent kerkelijk zangkoor St. Martinus Geulle)



    Programma vrouwenbond St.Apollonia

    • dinsdag 14 maart: Internationale vrouwendag, zaal 't Centrum, aanvang 13.30 uur. (zie hierna)
    • dinsdag 21 maart: Excursie Akzo Nobel, Herkenbosch
    • dinsdag 4 april: Spellenavond, zaal 't Heukske, aanvang 20.00 uur.
    • dinsdag 2 mei: Lezing blaastraining, zaal Vossen-Raeven, aanvang 20.00 uur.
    • vrijdag 12 mei: Country avond, zaal 't Heukske, aanvang 19.30 uur.
    • dinsdag 27 juni: Uitstapje Den Haag, max. 50 personen.



    CineConcert
    Limburgse filmmagie met live muziek

    Het Limburgs Film en Video Archief ontwikkelt momenteel een unieke voor-stelling die in april en mei 2000 in vijf Limburgse steden te zien zal zijn. Uit de mooiste, beste en meest belangwekkende films uit de collectie van het Limburgs Film en Video Archief, aangevuld met archiefmateriaal van lokale herkomst, uit het Filmmuseum en het Nederlands Audiovisueel Archief, is een programma van vijfenzeventig minuten samengesteld dat de grote lijnen van een eeuw Limburgse en plaatselijke geschiedenis en cultuur verbeeldt.

    Het publiek ziet in een theater- of bioscoopzaal een hoofdvoorstelling met van oorsprong zwijgende filmbeelden, die speciaal voor dit programma van nieuwe muziek en klank voorzien worden. Voor de lokale teneur wordt gezorgd door een steeds wisselend voorprogramma, dat in samenwerking met de gemeente-archieven wordt gemaakt. Dit programma-onderdeel wordt op het podium voor het publiek toegelicht door een verrassende, bekende persoonlijkheid. De steden waar deze voorstellingen plaatsvinden zijn: Heerlen, Maastricht, Sittard, Venlo en Weert. De première vindt plaats op zondagmiddag 16 april 2000 in de concertzaal van het Conservatorium in Maastricht. Voor meer informatie over het project: tel. 077-3522112, Frank Holthuizen.



  •  
    Copyright © 1999-2016. 'Groeten uit Geulle' is een uitgave van de Heemkundevereniging Gäöl.