Heemkundevereniging Gl - Sjakel juni 2003
 
 


De Sjakel
Juni 2003


Geulle in vroeger tijden.

57. Aantal inwoners.

Dit keer ga ik iets vertellen over het historisch verloop van het aantal inwoners van de voormalige gemeente Geulle. De oudste informatie hierover is uit het jaar 1673. Toen waren er ongeveer 300 “paschantes” in ons dorp. Dat waren katholieken die verplicht waren hun Pasen te houden, dus die hun eerste communie gedaan hadden. Dit aantal kan op ruwweg tweederde van de katholieke dorpsbewoners worden geschat. Dit zou betekenen dat in 1673 in Geulle circa 450 katholieken woonden.
In 1722 waren er 339 paschantes. Omgerekend zijn dat ±509 personen die het R.K. geloof aanhingen. Daarnaast waren er toen nog 44 heritieken of niet katholieken. In dit geval 30 calvinisten en 14 mennonieten. Dus Geulle telde in 1722 in totaal circa 553 inwoners.
Volgens een aantekening van pastoor Swelsen woonden in 1788 in ons dorp 743 personen, waaronder 32 niet katholieken.
Op 27-3-1796 telde men in totaal 831 Geullenaren, waaronder 270 kinderen onder de 12 jaar (Bij deze opsomming van J. Gassens worden ook de beroepen vermeld. Heel vaak was dit “cultivateur” of landbouwer. Opvallend was ook het grote aantal klompenmakers in het gehucht Hussenberg).
Volgens “Uit Geul’s verleden” had ons dorp in 1822 in totaal 952 inwoners.
Hiermee in tegenspraak lijkt de informatie van pastoor Swelsen uit 1824. Hij telde toen 735 Geullenaren die in 176 huizen woonden. Hierbij waren 8 niet katholieken. In 1824 werkten en woonden 57 personen tijdelijk buiten ons dorp of waren in militaire dienst. Indien wij die bij de toenmalige 735 inwoners optellen betekent dit dat ons dorp in 1824 maar 792 personen woonden. Dit zou betekenen dat vanaf 1822 tot 1824 het inwoneraantal met 160 daalde!
In het jaar 1840 waren er 941 Geullenaren. Na 1840 zijn steeds het aantal inwoners per 31 december geteld. Na de herindeling op 1 januari 1982 kwam ons dorp bij de nieuwe gemeente Meerssen te horen. Deze gemeente heeft dan ook de gegevens van na 1982 verstrekt.

In tabelvorm volgt nu een historisch overzicht:
Jaar Aantal Opmerkingen
inwoners
1673 (± 450) Alleen RK inwoners
1722 ± 553 44 niet RK
1788 743 32 niet RK
1796 831 270 jonger dan 12 jaar
1822 952
1824 792 176 huizen, 57 buitendorps, 8 niet RK
1840 941
1872 1010
1891 1000
1911 1087
1921 1211
1941 1703
1961 2282
1981 2982
2001 2790
2003 2753 Stand per 1 mei.

Samenvattend kan men stellen dat het aantal inwoners van Geulle van 1673 tot circa 1921 langzaam steeg of soms tijdelijk licht daalde. Van 1921 tot de herindeling van 1-1-1982 groeide het aantal Geullenaren snel tot maximaal ongeveer 3000. Na de herindeling is het aantal inwoners van de voormalige gemeente Geulle gedaald.

Archie Varis.

Bron:
1. Uit Geul’s verleden. (1926)
2. Meerssen: impressies uit het rijke verleden van een jonge gemeente. (1994)
3. Info van de gemeente Meerssen. (2003)


Het systeem van voedseldistributiebonnen tijdens Wereldoorlog II.

Inleiding.
Onlangs trof ik Huub Baltis, oud werknemer van de gemeente Susteren, die ik tijdens mijn werk bij de gemeente Maastricht ambtshalve af en toe ben tegengekomen. Wetende dat wij elkaar zouden ontmoeten, had hij een voedseldistributiekaart meegenomen van een inwoner van Geulle. Mijn belangstelling was er gelijk. Al pratend levert die ontmoeting het volgende verhaal op.
Huub Baltis, inmiddels rond de tachtig, is geboortig uit Meersen. Die omstandigheid zal er toe hebben bijgedragen dat hij in deze plaats vlak voor wereldoorlog II ook zijn eerste werkgever vond: het voedseldistributiekantoor. Eind jaren dertig van de vorige eeuw, als de oorlogsdreiging alsmaar toeneemt en de economische malaise met veel werkloosheid nog steeds bestaat, wordt in het jaar 1939 het systeem van voedseldistributie ingevoerd. De schaarse levensmiddelen gaan op de bon en er komt over Nederland een netwerk van kantoren dat zich gaat bezig houden met de organisatie en toedeling van de voedseldistributiebon.
Onderstaand een terugblik op de tijd van de voedseldistributie en de werking van het bonnensysteem.

De organisatie.
Voor de voedseldistributie middels bonnen was een netwerk van distributiekantoren over heel Nederland ingesteld. In onze contreien was het distributiekantoor gevestigd in Meersen, in het pand waarin nu hotel Gerberga gevestigd is. Het kantoor had als werkgebied de dorpen Itteren, Borgharen, Bunde, Geulle, Meersen, Ulestraten en Schimmert. De verstrekking van de voedselbonnen geschiedde per uitkeringsperiode van vier weken. Voor die taakvervulling waren ongeveer 25 mensen in dienst.

De voedseldistributie.
De voedseldistributie geschiedde met behulp van stamkaarten. Iedere burger (de baby’s en peuters uitgezonderd) kreeg een stamkaart. Voor het gezinshoofd gold een aparte stamkaart. Behalve voor het gezinshoofd zelf stonden op deze kaart ook de algemene gezinsbenodigdheden. De overige kaarten waren steeds op naam/geboortedatum gesteld. De stamkaart bevatte een opsomming van cijfers waarbij ieder cijfer overeenkwam met een onder de distributiewetgeving vallend levensmiddel. Om er enkele te noemen: boter, melk, kaas, brood, aardappelen en kleding. Voor sommige meer incidentele levensbehoeften zoals een fiets moest een aparte bon aangevraagd worden.

De verstrekking.
De verstrekking van bonnen geschiedde per tijdvak van vier weken. Met een of twee mensen, afhankelijk van het aantal dorpelingen dat geholpen moest worden, trok men erop uit. Dat gebeurde met de fiets. Achter op de bagagedrager werd een metalen kist (formaat: halve dekenkist) vastgesjord. In deze kist een hele voorraad distributiekaarten, in alle maten en kleuren. Doorgaans vond de uitreiking van de voedselbonnen plaats in de gemeentehuizen. Maar als dáár onvoldoende plek was, dan werd uitgezien nar een andere locatie. Zo ook in Geulle waar de harmoniezaal annex de handboogschutterij (toen nog in de harmoniezaal!) als onderkomen diende; toentertijd geëxploiteerd door de familie Hecker. In de lokaliteit werden alle bonnen uitgestald voor koffie, thee, suiker en noem maar op. Zo ook zeepbonnen die op de stamkaart van de moeder stonden (de zorg voor de kinderen werd nog duidelijk geassocieerd met de moeder; geen plaats voor een huisman).

Enkele anekdotes.
Mijn zegsman is ´s winters met de fiets op weg naar Geulle. Het is erg koud en ter hoogte van de Pasweg tussen Bunde en Geulle krijgt hij het zo koud dat hij af moet stappen en de handen in elkaar slaat om weer een beetje warm te krijgen. Tijdens deze oefening schiet een handschoen van de hand en komt terecht in . . de beek die er ook nu nog stroomt.
Ook leuk de melding dat het een keer zo veel gesneeuwd heeft dat fietsen onmogelijk was. Men heeft de bonnenkist toen maar op een slee gesjord en zo is men vanuit Meersen naar Schimmert gegaan.

Gevaarlijk werk.
De distributiekaart werd zoals hiervoor al gezegd op naam verstrekt. Als een persoon uit de gemeente vertrok of kwam te overlijden dan moest de kaart worden ingenomen. Maar, dat gebeurde niet altijd want er waren ook mensen die buiten het systeem van de distributiekaarten vielen zoals ondergedoken Joden of jongelui die zich aan werk in Duitsland onttrokken hadden; evenals geallieerde piloten en andere voor de bezetter op de vlucht zijnde personen. Binnen de distributiekantoren was er ‘een bereidheid van passief verzet gegroeid om, waar mogelijk, een deel van de ingenomen distributiekaarten door te spelen aan de illegaliteit’. Daar konden dan de bonlozen mee gevoed worden. Zo heeft in het grottenstel tussen Meersen en Geulhem gedurende vrijwel de hele oorlog zich een vijftal onderduikers opgehouden in de zgn. blokberg (Joop Geijsen, kenner en gids van de basiliek in Meersen, was hiervan de bekendste).
Het ´rommelen´ met distributiekaarten was linke soep, zo weet Huub Baltis. Het gebeurde in het geniep binnen de kantoororganisatie van het distributiekantoor maar . . Je wist nooit wie je kon vertrouwen. Bij ontdekking was een reis naar Duitsland nog het minste. Na anderhalf jaar is hij elders gaan werken.
Overigens verwondert informant zich erover dat men tijdens de fietsreizen met de bonnenkist achterop nimmer bedreigd of erger nog overvallen is. Want, de inhoud van die kist vertegenwoordigde toch een hele waarde!

Nog enkele ´losse´ onderwerpen.
Een broer van Huub Baltis was tijdens de mobilisatie in 1939 in Geulle gelegerd en ingekwartierd in een café ‘links van de parochiekerk’ (dat was café Ramaekers). Beide mannen hebben in de dagen voor de oorlog verschillende malen de stelling bezocht van deze militair, een kazemat direct nabij de brug over het Julianakanaal. De commandant van de Geulse brugverdediging, kapitein Braun, had zijn hoofdkwartier in Roosteren. Braun is bij de verdediging van die brug in Roosteren met een 14-tal andere militairen gesneuveld. ‘Onze’ Baltis werd krijgsgevangen gemaakt en verbleef als zodanig zes weken in Duitsland. Daarna mocht hij naar huis.

De distributiebonnen bleven ook na afloop van wereldoorlog II nog enkele jaren in gebruik tot omstreeks 1948. Pas vele decennia later is de ons zo vertrouwde vraag “mag het iets méér zijn!” ontstaan. Toen, ruim zestig jaar geleden, was het eerder meer van minder.
De aanleiding van dit verhaal.

De aanleiding voor dit verhaal is de distributiestamkaart op naam van Pierre van Kleef, Hulsen 30. Het huis van Kleef was opgetrokken in vakwerkstijl en lag tot omstreeks 1949 op de zuidhoek Hulserstraat/Poortweg.

Paul Notten


De Imker (bijenhouder)

In het begin van de tweede helft van de negentiende eeuw was de opbrengst van koren en tarwe zeer gering. Dit kwam door de dumpprijzen van Russisch en Amerikaans graan. De boeren in het Zuid-Limburgse Heuvelland gingen toen overschakelen op hoogstam-fruitteelt.
In de streek van Eysden waren dat voornamelijk kersen van diverse soorten. In de rest van Zuid-Limburg waren dat appels, peren en pruimen. Ook in Geulle werden hoogstambomen geplant. Voor de bestuiving als de bomen in bloei stonden in het voorjaar had men bijenvolken in korven (kaar) of houten kasten.
Ook in Geulle had je zeker wel een twintigtal imkers. Ze hadden vlak achter hun huis bij de boomgaard een bijenhal, een klein gebouwtje aan drie kanten dicht met een dak van stro of pannen. De zuid-oost zijde was helemaal open. Daarin stonden op een verhoging de kasten of korven met de bijen. De eerste bloesem in het voorjaar was van de perzikken en de pruimen. Bij mooi weer gonsden honderden bijen op die bloesem om de nectar op te halen. Deze borgen zij dan op in de kast of korf. De bijen haalde die nectar wel over een afstand van 3 tot 4 kilometer. In een kast zaten ongeveer veertigduizend bijen en die slepen heel wat honing bij elkaar in die bloeiperiode van de fruitbomen. Maar ook halen ze op diverse andere soorten bloesem de nectar.
De imker controleerde die kasten of korven van tijd tot tijd en haalde de raten eruit. De bijen werden dan erg agressief en staken met hun angel. Maar de imker had een kap of kogel genoemd over zijn hoofd net als iemand die met een floret vecht. Verder had hij een pijp aan. Aan de pijp werd niet getrokken maar geblazen en door de rook van die pijp hield hij de bijen op een veilige afstand.
In Geulle was een imkervereniging van een twintigtal leden. Als de heide in het Belgische Zutendaal in bloei stond ging een vrachtwagen vol met bijenvolken van verschillende leden enkele weken daar naar toe. Op zondag gingen ze met de fiets via het voetveer over de Maas eens kijken hoe het met de bijen ging. Het kwam wel eens voor dat een bijenvolk in de kast was dood gegaan dus de kast was leeg. Deze werd dan, als de kasten weer naar huis gebracht werden, met Belgische suiker gevuld, deze was bijna de helft goedkoper dan in Nederland. Zo had die kast zonder bijen toch nog iets opgebracht.
De imker kon aan de kleur van de honing zien op welke bloesem ze de meeste nectar hadden gehaald.Zo heeft ieder bijenvolk zijn eigen koningin. Nu kan het voorkomen dat zich een tweede koningin vormt in de kast. Dan krijgt men een machtsstrijd tussen de bijen die voor koningin X kiezen en anderzijds die voor koningin Y kiezen. Meestal bij zeer warm weer barst dan de bom. De oudste koningin vertrekt met haar aanhang en vliegt naar buiten om in een boom of tegen een muur in de nabijheid te landen met haar aanhang. Dat noemt men dan zwermen. De imker ving ze dan weer op in een korf en had dan een nieuw bijenvolk. Je kunt ze ook weer op een speciale manier terugzetten in dezelfde kast uiteraard zonder koningin.
Na de bloeiperiode werd de honing geslingerd. De raten werden in een honingslinger geplaatst en door de snel draaiende beweging werd de honing uit de raten geslingerd en opgevangen in het vat waar de raten inzaten. Dit noemen ze koud slingeren bij een temperatuur van 25 tot maximaal 35 graden Celcius. De temperatuur van een bijenvolk is immers 35 graden Celcius.
Bijna alle in de handel aangeboden honing komt uit de Verenigde Staten, Canada, Australië, Rusland en nog andere landen. Om de 300 kg. wegende vaten met daarin keiharde honing te kunnen verwerken wordt deze verhit tot 75 – 120 graden Celcius. Dit gaat ten koste van de smaak, geur en gezondheidswaarde van de honing. In honing zijn 181 verschillende stoffen geanalyseerd. De enzymen worden bij temperaturen boven de 45 graden vernietigd.

De in de handel(o.a. supermarkten) aangeboden honing, altijd van buitenlandse oorsprong, is helaas altijd verhit geweest boven de 45 graden en is dus voor vele kwaaltjes waardeloos geworden.
Goed geoogste honing is 10-tallen jaren houdbaar indien de honing donker, droog en koel wordt opgeslagen. Door dat slingeren werd de bijen de wintervoorraad afgenomen. Dit werd opgevangen door gewone suiker te voeren. Die suiker kreeg de imker goedkoper zonder accijns. Deze was dan wel bewerkt met kleurstof zodat hij niet meer geschikt was voor menselijke consumptie. In de winter bij koud weer werden de kasten afgedekt. Bepaalde vogels die het in de winter ook niet te breed hadden gingen tikken met hun snavel bij de invliegspleet. Dan kwam een bij kijken wat daar aan de hand was en hup, de bij verdween in de snavel van de vogel. Dit ging zo door totdat de vogel verzadigd was. Dit werd door de imker weer opgevangen door een stuk spek bij de hal de hangen. Wespen zijn ook een vijand van de bijen. De imker hing dan een fles met dunne hals op, deels gevuld met suikerwater. De wespen kropen de fles in om aan die suiker te komen maar moesten dat met dood bekopen.
Tussen 1917 en 1922 was er een kaplaan Johannes Janssen in Geulle. Deze had als hobby ook bijen.. Hij had een grote kennis van bijen en hield ook voorlichtings- bijeenkomsten voor de Geulse imkers. Dit gebeurde in een klaslokaal van de lagere school want een zaal was toen niet voorhanden.
Door het verdwijnen van de hoogstam- boomgaarden en doordat de imkers geen opvolgers hadden is de bijenhouder op een enkele na helemaal verdwenen uit het dorp.

J.Maassen


Geulle 50 jaar geleden.
Juni 1953.....

- In juni werd een maatschappelijke indeling gemaakt van de gemeente Geulle. Deze indeling was als volgt:
Landbouw en veeteelt 20,5 %
Middenstand 9,5 %
Arbeiders in de mijnindustrie 36,0%
Andere arbeidskrachten
o.a. fabrieken 25,0%
Anderen 9,0%
Een uitbreiding van het percentage Landbouw en Veeteelt is in de toekomst niet te verwachten, daar de toename van de bevolking veelal aangewezen zal zijn op de Mijnindustrie en de industrieën in Maastricht. Overigens zullen de aantrekkelijkheid der omgeving en de goed onderhouden wegen voor andere bevolkingsgroepen zoals renteniers, gepensioneerden en dergelijke, een gerede aanleiding tot vestiging bieden.Een gasaansluiting en een riolering zullen, naast de reeds aanwezige waterleiding, mede een waardevolle stimulans blijken te zijn.

- Een voetveer over de Maas.
In de laatst gehouden vergadering van de gemeenteraad werd door de burgemeester de toezegging gedaan om te trachten het veer over de Maas weer open te stellen als voetveer. De terzake ondernomen stappen bij de betrokken instanties hebben als resultaat gehad dat gegronde hoop bestaat dat eerlang het veer weer in gebruik gesteld zal worden. Afgewacht dient nog te worden in hoeverre de Belgische autoriteiten de vereiste medewerking verlenen omdat het veer door de Ontvanger der Registratie en Domeinen te Maaseik opnieuw verpacht dient te worden. Van Nederlandse zijde bestaat tegen openstelling in principe geen bezwaar.

- Verkiezing gemeenteraad.
Van de 1066 stemgerechtigde kiezers hebben er 1009 hun stem uitgebracht, waarvan 24 blanco en 20 ongeldige stemmen. Het aantal geldige stemmen bedroeg derhalve 965. De kiesdeler was 965: 7 = 137 6/7. Gekozen werden verklaard:
Lijst l: J.J.G.Thijssen
Lijst 2: J.H.L.Thijssen en P.H.Janssen
Lijst 3: H.PJ.Sassen
Lijst 4: P.H.Muytjens en J.HJonkhout
Lijst 5: H.W.Kurvers

Hein Peters


Orgelconcerten in geulle en meerssen

De Meerssense Orgelkring “Circulus Musicus Marsanus” organiseert in het kader van het Orgelfestival Limburg 2003 drie concerten. Deze concerten worden gegeven op het Binvignat-orgel in de St. Martinuskerk te Geulle en het Wilbrandorgel in de Basiliek van het Heilig Sacrament te Meerssen.

16 juli, St. Martinuskerk Geulle: Fons van der Linden
Fons van der Linden ( *1961) studeerde klavecimbel, orgel en piano aan het conservatorium te Maastricht. Daarna specialiseerde hij zich in het klavecimbelspel bij Jos van Immerseel in Antwerpen. Thans is hij als docent aan enkele muziekscholen in Limburg en Luxemburg verbonden. In Geulle zal hij werk van Storace, Kerll, Bach, Walther en Rinck ten gehore brengen.
De concerten beginnen telkens om 20.15 uur. De toegang en het programmaboekje van het Orgelfestival Limburg zijn gratis. Na afloop kunt U een vrijwillige bijdrage geven.
Het volledige programma vindt u ook op de internetsite van de heemkundevereniging: www.geulle.com


23e Avond wandel vierdaagse

Op 1, 2, 3 en 4 juli organiseert buurtvereniging Oostbroek voor de 23e maal in successie de avond wandel vierdaagse.
Gestart wordt vanuit café Vossen-Raeven aan de Hulserstraat te Geulle.
U kunt kiezen uit de afstanden 5, 10 en 15 km. Voor alle afstanden kunt u vertrekken tussen 17.00 en 19.15 uur. De inschrijfkosten bedragen €. 1,00 per persoon per dag of € 3,00 voor vier dagen, waarvoor u een prachtig, door pijlen uitgezet, parcours krijgt aangeboden door Geulle en omgeving.
Als herinnering ontvangt iedere deelnemer een sticker. De I.V.V. stempel is aanwezig en de wandeltocht gaat onder alle weers-omstandigheden door. De deelnemers aan deze vierdaagse kunnen genieten van een zeer landelijke en bosrijke omgeving. Op vrijdag 4 juli kunt u na afloop genieten van een drankje en van een barbeque!


Op stap met de heemkundevereniging.

Op woensdag 16 juli aanstaande gaat de heemkundevereniging weer op stap. Deze keer gaan we naar de Kasteeltuin Oud-Valkenburg. Een oase van groen, een harmonie van geuren en kleuren, een uniek gebied in een monumentale omgeving. Ooit was de tuin van kasteel Schaloen, nu een combinatie van heemtuin en kruidentuin. Samen met de watermolen vormen zij de drie elementen van de kasteeltuin, een kostbaar erfgoed waar geschiedenis en natuur hand in hand gaan. De kasteeltuin laat zien welke gewassen er vroeger werden verbouwd in het Geuldal. U komt meer te weten over de groenten die onze voorouders aten en de kruiden die ze gebruikten in spijs en als medicijn. U geniet van de rijke flora van het Geuldal en maakt kennis met gebruiken rond bijen en imkerij. Beslist een aanrader!!!!
We vertrekken om 9.45 met eigen vervoer op het marktplein. De heemkundevereniging zorgt bij mooi weer voor een ouderwetse picknick. Om 14.00 vertrekt er vanaf de kasteeltuin een 2 uur durende wandeling, onder leiding van Natuurmonumenten met als titel:” De bermen in bloei”. Deze wandeling is vrijblijvend en niet bij de prijs inbegrepen (kosten € 2,75).

De kosten voor dit uitstapje bedragen slechts € 1,50 voor leden en € 3,00 voor niet leden.
Opgeven kunt U zich tot 10 juli bij Truia Huntjens tel: 043-3649582 of bij Maurice Wouters tel: 046-4281899. Wilt U bij opgave a.u.b doorgeven of U vervoer hebt en of U de hele dag mee gaat of alleen een dagdeel? Hopelijk mogen we velen van jullie begroeten op woensdag 16 juli aanstaande.

Maurice Wouters.


Brieven van Pieke Junior uit de Piemelenhoek.

Dag mensen van Geul, hier weer een briefje van jullie Pieke junior, als die van de redaksie tenminste plaats hebben dits keer. En laats was ook moeders mooiste weer in Geul en der waren ter wel hondert duizend die meenden dat ze zo goed konden fietsen wie vroeger den Tummers, de Frisj en Stevens en Frissentini en Golliaperos, maar der waren der toch veel die tamelijk schegelden de berg op en mooi worden ze der ook niet van want ze hadden tamelijke batsen en nog dikkere nekken en ze scholden zich kepot en de Noonk was naar de antieke markt geweest bij de bejaarden en ze vaarden hem bekans van de weg af en ze maakten hem voor iets ouds uit, maar hij heeft eens goed terug gevloek en dat is wat anders als klassineren en als die het nog eens riskeren om hier door Geul te komen, dan gooit hij een paar schurkarren malse mes op de weg en dan kijk hij wel eens of ze dan nog zo’n grote muil tegen hem hebben. Een beetje fietse is goed, zegt de Noonk, maar ze moeten wel alles in de midden houden anders blijven ze maar bij hun thuis, op den ouwe fiets proberen en Harie lachde zich kepot demet, maar ik snapde het weer niet.
En der was ter ene die dach dat hij al bij de bruk van Eelse was en dat hij rechtdoor naar Mees kon, in plaats van de brug op en die heeft de stanketsele daar met veel over been helemaal uit de grond gevaren en nou zitten wij weer demet en ze hebben daar nou een vangrail neergezet en dat is toch niks, want het oog wil ook wat, zegt de Noonk en misschien hadde de pap en de mam van die rekel hem beter een zeepkis kunnen geven in plaats van een auto, sjus wie die van de vastelavond en dan hadden wie tenminste onze oude stankestele nog.
En nou gaan ze niet alleen de Knaal uitbreien, maar ook nog de spoordijken breder en sterker maken en dat is toch evels ook niet nodig, want als die schauffeurs van die treinen eens wat langzamer demet vaarden en eens wat minder in hunne wagon zouden laden, dan zouden de lui onder in Geul aan het spoor ook niet meer uit hunne bach rammelen als ter zo ene langs komt en dat schuddelt schijns nog harder op en neer als een aardbeving, want daar worden die al gaaruits niet meer wakker van, maar van de trein snachts wel en de Noonk vraag zich af of het hondert jaar niet sterk genoeg is geweest en nou ineens sterker gemaakt moet worden, maar ja, daar zal wel wat anders achter zitten en hij zal het eens aan de burger of aan de vethouder vragen, als hij ze tegenkomt, maar die zie je toch niet zo deks in Geul en het zal allemaal wel ergens goed voor zijn , maar dat het gaat stubbe, dat is zeker en jullie moeten de groete hebben van mij, jullie Pieke junior uit de Piemelenhoek.


In de heer zijn overleden

  • op 9 mei 2003, op 84-jarige leeftijd, Giel Wijnand, echtgenoot van Marieke Tholen van de Past. Smeetsstraat;
  • op 24 mei 2003, op 69-jarige leeftijd, Huub Coumans, echtgenoot van Tonny Derhaag van de Past. Smeetsstraat;
  • op 11 juni 2003, op 77-jarige leeftijd, Giel Ummels, echtgenoot van Truia Kurvers, Oostbroek.

Mag ik mij even voorstellen.

Mijn naam is Hub Schoenmakers en ik ben 39 jaar oud. Sinds enkele maanden ben ik de opvolger van Pierre Giesen als de wijkagent van Geulle. Tevens ben ik de wijkagent van Rothem en Ulestraten.
Voorheen heb ik gewerkt bij de gemeentepolitie Kerkrade en Maastricht waarna ik overstapte naar de basiseenheid Meerssen. In 2002 gingen de basiseenheden Meerssen en Valkenburg samen en ontstond de basiseenheid Heuvelland. De basiseenheid Heuvelland bestrijkt de gemeenten Meerssen, Valkenburg en Margraten.

Vanuit mijn positie als wijkagent probeer ik zoveel mogelijk tijd vrij te maken voor de kernen Geulle, Rothem en Ulestraten.
Dinsdag en woensdag zijn voor mij vaste dagen in het dienstrooster dat ik vrj inzetbaar ben voor het wijkgericht werken. Dit kan zowel overdag als in de avonduren. Verder ben ik aanwezig bij de vergaderingen van het buurtnetwerk.

Als U een gesprek met mij wilt om zaken en/of gebeurtenissen van welke aard dan ook met mij wilt bespreken, dan kunt U mij op de volgende wijze bereiken:
U belt 0900 - 8844 en vraagt naar het wijksecretariaat van de basiseenheid Heuvel-land. Van een medewerker van het wijksecretariaat krijgt U te horen of ik in dienst ben.
Als ik niet in dienst ben dan zal men een bericht opmaken met het verzoek om U terug te bellen. Verder kunt U mij ook per email bereiken, namelijk:
Hub.Schoenmakers@limburg-zuid.politie.nl
Deelnemers van het buurtnetwerk zijn in het bezit van mijn GSM-telefoonnummer.

Ook wil ik een oproep doen aan U als inwoner van Geulle om bij overlast, verdachte omstandigheden of andere bijzondere zaken mij hiervan in kennis te stellen zodat wij, politie, inwoners van Geulle en gemeente, samen zorg kunnen dragen voor een veilig en leefbaar Geulle.

Hub Schoenmakers
wijkagent Geulle


 
Copyright © 1999-2016. 'Groeten uit Geulle' is een uitgave van de Heemkundevereniging Gäöl.