|
;Geulle in vroeger tijden.
13. De bekering tot het christendom 2.Geulle viel als parochie indertijd onder het aartsdiakonaat Kempenland en behoorde achtereenvolgens tot de volgende bisdommen: Tongeren, Maastricht, Luik,
Roermond, Luik en weer Roermond. Tot 384 na Christus behoorde Geulle tot het bisdom Tongeren. Toendertijd heersten de Romeinen hier en viel de kerkelijke indeling samen met de romeinse bestuursindeling. In 384 verplaatste de H. Servatius zijn
bisschopszetel van Tongeren naar Maastricht en wel naar de O. L. Vrouwekerk en in 722 verplaatste de H. Hubertus deze weer naar Luik. Tijdens de invallen van de Franken rond 400 na Christus vluchten de romeinse gezagsdragers
maar de bisschoppen bleven op hun post. Zij namen de taken van de (stads)bestuurders over. Rond die tijd ontstonden kloosters en abdijen, die langzamerhand een zeer grote invloed kregen, vooral die van de Benedictijner orde. Bekende abdijen
lagen o.a. in Maastricht, Susteren, Sint Truiden en Echternach. Zij ontvingen vele landgoederen en voorrechten. Het waren centra van geloof, onderwijs en beschaving, van waaruit de Frankische geloofsverkondigers ook naar onze streken trokken
en dus ook naar Geulle. Na het jaar 500 werden steeds meer kerken op het platteland gebouwd en wel meestal van hout. Deze werden vaak gesticht door een grootgrondbezitter die ook de priester benoemde. Zo een priester droeg vaak
zijn herdelijke taken van de dorpskerk over aan een plaatsvervanger. Karel de Grote die van 768-814 regeerde wilde een sterke en zuivere kerk en steunde de geloofsverkondigers krachtig. Hij gaf aan de kerken en abdijen vele
donaties en voorrechten. Voor het onderhoud van de kerk werden de "tienden" ingevoerd. Hierdoor waren de inwoners verplicht om 1/10 van de opbrengst van het land aan de kerk te betalen. Indertijd stroomde de Maas meer naar het westen en
hoorden Uikhoven en Herbericht bij Geulle. De kerk van Geulle was heel vroeger de moederkerk van die van Uikhoven. Deze aflevering wil ik afsluiten met een paar legenden uit Geulle, die met bovenstaande verband houden. De eerste
heeft betrekking op een levensbeschrijving van de H. Hubertus die in 720 zijn bisschopszetel van Maastricht naar Luik verplaatste. Er heerste eens een enorme droogte die de Maas onbevaarbaar maakte. Hubertus bevond zich toen in Gabilium
(Geulle?), twee uur gaans van Maastricht. Hij hield daar toezicht op werkzaamheden die door de lage waterstand van de Maas gestaakt moesten worden. Hij knielde toen neer in gebed waarna het hard begon te regenen en de Maas werd weer
bevaarbaar. Uit bovenstaande zou men kunnen opmaken dat men bezig was met de bouw van een kerk of kapel onder toezicht van de bisschop en waar voor bouwmaterialen over de Maas moesten aangevoerd worden. Indien dit verhaal op waarheid berust en
hier Geulle bedoeld wordt, dan is dit de eerste vermelding van Geulle. (Daarna wordt Goilla= Geulle ook in 817 genoemd bij de goederen die Lodewijk de Vrome schenkt aan de abdij van Cornelimünster.) Volgens een van de vele
legendes over de H. Servatius zou hij vanaf een heuveltop in Geulle het Maasdal gezegend hebben met de woorden: "Gij zult eeuwig en onvergankelijk schoon zijn, mijn land". Tot slot de legende over de auvermennekes van Geulle. Dit
waren een soort kabouters die in de Blomberg bij Moorveld woonden. Zij maakten 's nachts de ketels en pannen van de Geullenaren blinkend schoon. Bij het eerste keer luiden van het angelusklokje van de kerk in Geulle stortte het voorste
deel van de Blomberg in. Hierbij is een beek ontstaan die de heiligenbeek werd genoemd. Toen zijn de auvermennekes uit de Blomberg naar België gevlucht en ze zijn nooit meer in Geulle gezien. Archi(e) Varis. Literatuur:
1. Kent U Geulle? (1949) 2. Waar de brede stroom der Maas. (1972) 3. Uit Geul's verleden. (1926) 4. Maas- en Geleenbode 20-05-1981. Beknopte levensgeschiedenis van Justus Out Priester Lazarist Voor een groot gedeelte van onze lezers komt deze naam waarschijnlijk vreemd over, maar voor de mensen van Parochie Waalsen was Justus Out een altijd opgewekte vrolijke priester. Hij stond open voor iedereen en was altijd in voor
een grapje. Justus Out heeft ongeveer acht jaren onze Pastoor Kusters mogen assisteren in de kerk en als vervanger gefungeerd als onze Pastoor met vacantie was. In 1993 heeft Out zijn diamanten priesterfeest gevierd in de parochiekerk van
Waalsen . Justus Out werd geboren te Beverwijk op 12 mei 1908. Op 16 sept. 1927 is hij ingetreden bij de orde der Lazaristen in het Missiehuis te Panningen. Daar werd hij op 30juli 1933 door de toenmalige Bisschop Mgr. Lemmens tot priester
gewijd. Al vroeg wist Out dat hij later Missionaris wilde worden, daarom kreeg hij vlak na zijn priester wijding de toestemming om zijn baard te laten groeien. In die tijd had een Missionaris nou eenmaal een lange baard. Maar voor Out
was dat niet weggelegd, toen de Vader van een medestudent eens op bezoek was, (die man was ook afkomstig uit Beverwijk) zijn gezicht zag viel die goeie man bijna van schrik achterover. Tegen Justus zij hij niks , maar wat hij tegen zijn moeder
in Beverwijk vertelde was van dien aard dat zijn moeder hem smeekte om zijn baard haren onmiddellijk te verwijderen. Ze zou zich dood schamen als hij met zo een afschuwelijk gezicht in de zomer 1934 zijn eerste H Mis zou opdragen in Beverwijk.
In eerste instantie verzette hij zich hevig tegen dat verzoek, maar vele brieven later heeft hij toen toch maar een akkoord gesloten. Voor het priesterfeest zouden twee onafhankelijke informanten uit Beverwijk zijn baard komen keuren. En aan
de uitspraak van die mensen had Justus zich te houden. niet goedgekeurd baard eraf. Maar zover is het niet gekomen. In diezelfde tijd kreeg hij nl. het bericht dat er een kans bestond om in Wernhoutsburg benoemd te worden. Dat was een klein
Semenarie in west Brabant waar jongens werden opgeleid om priester te worden. En zo gebeurde, hij werd benoemd voor een jaar, en omdat hij nu toch geen missionaris ging worden werd onder het toeziend oog van van de hele studenten-gemeenschap
zijn baard met veel ceremonieel afgeschoren. Zijn moeder hoefde dus niet meer bang te zijn dat hij er niet fatsoenlijk uit zou zien op zijn priesterfeest. Begin aug. 1934 is hij dan voor een jaar naar Wernhoutsburg gegaan, dat ene jaar werden
er vijftien. In 1949 werd hij Kapelaan in het Rectoraat Nieuw Einde te Heerlen (de Colonie genaamd). Hij had er tevens de zorg voor het woonwagenkamp, tot 1966 heeft Justus Out deze taak met liefde en zorg , en met veel
persoonlijk contact met de mensen vervuld. Jaren later spraken de mensen van de Colonie nog steeds met warmte over Outje. Nog een leuk voorval uit zijn woonwagenkamptijd in Heerlen. OOk voor die mensen was Out de priester
die voor ging. Bovenal was hij de goeie vriend, hij liep de woonwagens in en uit kende alle mensen en bracht ruzies vaak tot een goed einde zocht oplossingen in hun maatschappelijke nood. Zo wilde hij voor de mensen van het kamp een kapel
bouwen. Daarvoor vroeg hij aan de Paus Pius de Twaalfde alvast om een kelk, en wat gebeurd na enige weken word de kelk uit Rome bezorgd. In 1966 kwam ons Outje in een ernstige crisis terecht, uitgeput was hij, ging onder zware lasten gebukt.
De zachte de gevoelige man wist niet meer hoe verder, als priester durfde hij niet meer te functioneren. Hij werd voor de kerk een gewone gelovige. Maar heel langzaam aan werd hij weer lid van enkele werkgroepen, en was later degene die de
parochieboeken bijhield van de Confraters in Lindenheuvel Geleen waar hij toen woonde. Jaren leefde hij zo in alle deemoed en stilte, En langzaam hervond hij zich weer, werd weer attent voor de mensen. Hij wist uit eigen ervaring wat een ander
zo nodig had, gewoon een hand, een woord, even naast die ander te zijn. Hij voelde zich oneindig gelukkig toen hij in 1986, toen 78 jaar oud door Mgr. Gijsen weer werd benoemd tot Assistent van de Pastoor van Arsparochie te Geleen.
Zijn speciale aandacht gold de zieken en bejaarde mensen. In 1988 is Justus Out dan in Geulle komen wonen in de Vandermeystraat. Acht jaar heeft hij onze Pastoor Kusters met grote regelmaat mogen assisteren. In 1995 is hij dan terug gegaan
naar Panningen waar hij 68 jaar geleden zijn priesteropleiding begon. Out was nu echt Oud. Op 4 Dec. 1998 is Justus Out plotseling overleden in het Missiehuis te Panningen. Hij is begraven op de begraafplaats Heidenrust te Panningen . Deze tekst is samen gesteld uit aantekeningen van Justus, en gesprekken met hem in de jaren negentig bewerkt door Wiel Bellemakers. Wordt vervolgd Politie varia
Concertreis Harmonie St. Caecilia naar Italië Vorig maand, om precies te zijn op 22 juli, begon harmonie St. Caecilia aan haar tot nu toe verste concertreis.
Het Geulse korps was namelijk uitgenodigd om deel te nemen aan de "Internationalen Wipptaler Blasmusiktage" in het Italiaanse Vipiteno in Zuid -Tirol. Aansluitend zou het korps ook nog twee concerten verzorgen in respectievelijk Brixen en San
Vigilio. Het zou de beste concertreis worden die de harmonie tot nog toe had gemaakt. Tenminste, dat zei mede-organisator en bestuurslid Jos Wijnands al maanden van te voren. Hij was hoogstpersoonlijk naar Vipiteno afgereisd om de
voorbereidingen met de Italiaanse gastgevers te treffen. Aan de reacties van leden en supporters na afloop van deze reis te horen kreeg hij dubbel en dik gelijk. Het enthousiasme voor deze reis was echter al lang voor de 22ste
juli te proeven. Heel wat leden plakten aan deze concertreis hun vakantie vast. Reeds een week van tevoren vertrokken er al zuidwaarts. Tegen de tijd dat de harmonie met de bus aankwam, had zich op de plaatselijke camping al een heuse Geulse
kolonie gevormd. Jammer was het tegenvallende weer dat na dagen van zomerse hitte de intocht van de harmonie vergezelde. Maar er was beter weer voorspeld. De dag erna scheen inderdaad het zonnetje en dat betekende dat de
middagwandeling kon doorgaan. Echter, allereerst werden de Geulse gasten op de hoogte gebracht van de geschiedenis van dit stadje en na een rondwandeling door de oude straatjes op het gemeentehuis ontvangen door de burgemeester van Vipiteno ,
of liever Sterzing. Want zo leerde men; zoals wij liever van Gäöl spreken in plaats van Geulle, zo spreekt men daar liever over Sterzing dan over Vipiteno dat de Italiaanse naam is. Het overwegend duitstalige Zuid-Tirol, dat na de eerste
wereldoorlog bij Italië kwam, kent een roerige geschiedenis van oorlogen en discriminatie. Pas sinds 1974 is men een autonoom gebied, dat zelf haar wetten op cultureel en taalkundig gebied mag bepalen. Daardoor is het nu een tweetalige streek
die daar economisch haar vruchten plukt middels de handel. Aldus, de burgemeester die niet alleen flink reclame maakt voor zijn stad maar ook een aandachtig oor vond bij de aanwezigen. Vast zullen er een aantal Geullenaren zijn geweest dat bij
de woorden van de burgervader een parallel zag met de verdeelde Limburgen en onze eigen verschillen met de 'Hollenjers'. Na enkele toespraken en dankwoorden werd het glas geheven op een succesvol concert 's avond. De burgemeester zou zeker
komen luisteren. Daar verheugde hij zich al op. Want zo stelde hij, St. Caecilia kwam uit een land dat een goede reputatie heeft op muziekgebied. Ja, Nederland was op het gebied van de blaasmuziek "eine Weltmacht"! Een gekruchel ging door de
oude raadzaal. Dit kompliment vonden de muzikanten wel erg hoog gegrepen. "Wach méh jérst pes te os gehuert höbs!", kon een muzikant niet nalaten te roepen. Na een hapje eten werd het tijd voor de middagwandeling. Het woord
middagwandeling is achteraf eigenlijk niet op zijn plaats. Het plaatselijke VVV leek het wel leuk om hun gasten te tracteren op een heerlijke bergwandeling. Bergaf wel te verstaan. Dat betekende eerst met de kabelbaan naar een hoogte van 2100
meter en dan onder begeleiding van een gids gezellig een heerlijke afdaling naar beneden. Heerlijk was inderdaad het uitzicht. Maar o, o, o, die afdaling, wat viel dat tegen. Geullenaren zijn toch heel wat gewend als het om bergen, lees:
heuvels, gaat, maar deze afdaling van drie en half uur, bleef menigeen nog lang na de concertreis in de benen zitten. En Jos Wijnands had de gids nog zo gewaarschuwd: "Nicht zu schwierig.Wir kommen aus Holland, da ist alles flach!...." 's Avonds moest in het kader van de Wipptaler Blasmusiktage, het eerste concert gegeven worden. Maar donkere wolken meldden zich vlak voor aanvang boven het stadje. Druk overleg volgde er tussen Frank Marx, tijdens deze concertreis
de instructeur van de drumband, dirigent Rob van der Zee, bestuur en de organisatie. Probleem, het dure slagwerkinstrumentarium kon niet tegen de regen en het risico dat het nat zou worden was erg groot. Uiteindelijk werd er
op aandrang van de plaatselijke organisatie toch gespeeld. Met wat tegenzin, want het werd steeds kouder. De drumband, of liever de slagwerkgroep zoals ze steevast tijdens de concertreis werd aangekondigd, opende het concert. Niet geheel
tevreden over hun optreden maar gelukkig niet natgeregend verlieten de muzikanten het podium. Dit geluk had de harmonie niet. Kleumend en nat kwamen de muzikanten na het ingekorte programma van het podium af. Waarom het
concert had moet doorgaan, bleek achteraf. Een ontvangst met blaasorkest was er voor de Geulse gasten georganiseerd. De drank en worsten deden de kou gauw vergeten en al gauw liet St. Caecilia zien wat feestvieren op zijn Geuls is.
Terugkijkend op een dag met spierpijn en koude ledematen, moest toch iedereen toegeven dat de organisatie hun uiterste best hadden gedaan. Ondanks de 'geleden ontberingen' ging iedereen moe maar tevreden naar bed. Zaterdagmorgen
werd er al vroeg vertrokken richting Brixen -in het Italiaans Bressanone- waar 's avonds het tweede concert gegeven zou worden. Het werd een warme en educatieve dag middels rondleidingen in het klooster Neustift en de binnenstad van de domstad
Brixen. In tegenstelling tot de dag ervoor bleef het weer stralend en zo kon de harmonie 's avonds op de sfeervolle Domplatz haar concert beginnen. De drumband onder leiding van Frank Marx begon en trommelde letterlijk en
figuurlijk de toeschouwers op. Uit de kleine straatjes en oude steegjes kwam het nieuwsgierige publiek naar het indrukwekkende plein om te luisteren naar variëteit van muziek. Qua akoestiek en entourage zou het het mooiste concert worden van
de harmonie. Met dank aan aan de domkerk en het prachtige plein vol Italiaanse muziekliefhebbers die een prachtig decor vormde. San Vigilio -in het duits Sankt Vigil- is een wintersportplaatsje ten zuiden van Bruneck waar het
zomers weinig te doen lijkt. Lijkt, want het bierfeest dat naar aanleiding van een internationale mountainbikewedstrijd was georganiseerd, beloofde heel wat. De reuk van worst en het aantal gebraden kippen op de vroege zondagmorgen duidde op
de komst van een massa toeschouwers. Maar eerlijk is eerlijk, er kwamen heel wat nieuwsgierigen een kijkje nemen, maar helemaal vol werd het niet. Klokslag elf uur begon het laatste optreden van deze concertreis. Weer was het de
drumband die mensen op trommelde. Al leek het meer op wakker maken gezien het uur van de dag. Het werd een leuke concert van de slagwerkers met als slotstuk de meeklapper 'Erinneringen an Cirkus Renz'. In het daarop volgende concert van
de harmonie lag de nadruk vooral op de gezelligheid. Met tussendoor heel wat 'bravo, bravo' van Italiaanse zijde. En zoals zo vaak bleek ook hier weer: marsmuziek gaat er altijd in. Met 'Chimes of Liberty' kwamen ook de laatste toeschouwers
los. Zelfs een toegift zat er in. En gezellig bleef het. Ookal werd de tent na afloop leger en leger, het kon de pret niet drukken. Italianen schijnen 's middags een middagdutje te doen en aan de uitgestorven straten van
San Vigilio te concluderen was dat nu ook zo. In Geulle kennen we geen siësta en dus was het enige geluid dat er in het dorp te horen was, de harmonie in de tent. Nu zonder instrumenten, maar mét halve liters bier. De jeugdige leden maakten
zich op voor een finale van deze vier dagen middels gezang en dans. Tot grote verbazing van het Zuid-Tirolse publiek, dat wel wist wat jodelen was, maar het absoluut niet zo spontaan en hard kon als menig Geullenaar. Het driemansorkest op het
podium had het idee voor een stampvolle zaal te spelen en kondigde schlager na schlager aan. Hoogtepunt van deze middag was echter het moment waarop bestuurslid Nobert Smeets het drietal kwam versterken en bij wijze van 'verbroedering met het
Italiaanse volk' de inmiddels tot clublied verheven klassieker Marina in perfect Italiaans ten gehore bracht. Té vroeg vertrok de bus het warme dorpje dat uit de middagslaap was gewekt. Ze zullen nog lang hebben nagepraat over die gekke
'ólandesi'. Toen 's maandagmorgen de bus volliep, waren de oogjes klein. De thuiskomst de avond ervoor in Sterzing was wel rustig verlopen, maar het was toch laat geworden. Het was tenslotte de laatste avond. Terwijl de bus al
over de Brennerpas reed, namen op de camping de laatsten van elkaar afscheid. Niet om naar huis te gaan, maar verder te trekken. Naar het Gardameer, Oostenrijk, Slovenië of de Toscane. Men was er immers toch in de buurt. Met trots en een
beetje weemoed kan de harmonie terugkijken op een zeer geslaagd concertreis naar Italië. Een reis waarin St. Caecilia heeft laten zien waar het bij ons in Geulle omdraait. Muziek, gezelligheid en bovenal een goed verenigingsleven!
Marco lahaije
Kennisgeving In de heer zijn overleden:
- Op 19 juni 1999 op 83-jarige leeftijd, Jos Lemmens, e.v. Bertha Martens, Moorveld
- Op 20 juli 1999 op 85-jarige leeftijd, Elisabeth Maria Francisca Clairbois, weduwe van Gerardus Hubertus Mattheus Slangen, moeder van Marie-Therese Crombag
- Op 23 juli 1999 op 67-jarige leeftijd, Leo Janssen, overleden in het ziekenhuis te Heerlen, van de Poortweg te Geulle
- Op 24 juli 1999 op 73-jarige leeftijd, Zef Colaris, e.v. Annie Willems van Aan de Maas
- Op 28 juli 1999 op 84-jarige leeftijd, Pieter Joseph Gelissen, weduwnaar van Maria Mathilde Bosch, oud inwoner van de Luipertstraat en vm. chauffeur/ controleur op EBAD-bus
- Op 31 juli 1999 op 91-jarige leeftijd, Maria Hendrika (Dora) Peeters, weduwe van Wilhelmus Arthur Huck vh. gewoond hebbende in de Snijdersberg
- Op 7 Augustus 1999 op 90-jarige leeftijd, Eugene Limbourg wed v. Truia Smeets, Ave Maria
- Op 8 augustus 1999 op 83-jarige leeftijd, Pieter Hubertus Vossen, e.v. Elly Tovenati, Geulderlei 4
- Op 8 augustus 1999 op 78-jarige leeftijd, Jet Janssen, e.v. Laurens Leunissen, geb. te Geulle
Geulle in Zwart-Wit en Kleur
Onder dit motto houdt fotogroep Geulle in de klei-oave dit jaar een expositie van het werk
van haar leden. Zoals u wellicht weet was deze expositie eerder gepland voor 23 april j.l. Door het tragisch overlijden van de penningmeester / secretaris Harold Dol heeft deze geen doorgang gevonden. De expositie is nu gepland op 3, 4 en
5 september. De opening zal op vrijdagavond 3 september om 8 uur plaatsvinden door mevr. Marie Therese Crombag. Op zaterdag is de expositie geopend van 14.00 tot 21.00 uur en op zondag is de expositie geopend van 12.00 tot 17.00 uur. Fotogroep Geulle Inhuldiging Kapelaan R. Schols in Geulle"Annuntio vobis gaudium magnum; Ik verkondig u een grote
vreugde. Habemus kapelanum; we hebben een kapelaan". Of zoals Christel met haar parochie-omspannend moederhart het zo treffend kan zeggen: "Veer hubbe fès. Veer hubbe un kapelaonsje" ja, zo zeldzaam zijn ze geworden,
onze kapelaonsjes, dat ze bijna even uniek zijn als een nieuwe paus. De laatste kapelaan die we kennen', wordt steevast in verband gebracht met een herdershond. Hele horden gelovigen weten niet meer hoe je kapelaan schrijft, laat staan dat ze
weten wat een kapelaan is en nog minder dat ze er een hebben. Welnu, Geulle heeft er vanaf vandaag weer een. En daarom vieren we feest. Het priestertekort hier is met één verminderd. En waar feest is, mag gelachen worden bij voorkeur
geglimlacht; ook in Geulle. Deken Kirkels heeft ervoor ontheffing verleend. Klappen mag óók, maar dan uitsluitend geluidloos. Als op een vergadering van barbiers. Zo.... Vierden we maar vaker zo'n feest. Het priester-tekort neemt grenzeloze
vormen aan. Tegenwoordig zijn we al blij als we er één bij hebben. Wat heet blij? Onze vreugde kent geen grenzen, want drie weekenden in successie feest voor een nieuwe kapelaan doet zelfs de feestelijkheden rondom de kroning van een nieuwe
paus verbleken. En dan mogen we nog van geluk spreken, dat de toevoeging van de parochie Waalsen/Moorveld als Dritte im Bunde vertaald is dat als derde van het duo Bunde /Geulle - op realisering wacht, want anders hadden we nóg een vierde
zondag de bloemetjes buiten gezet en met de wierookvaten gezwaaid. Het is je gegund, neomist en nieuwe kapelaan van vandaag René Schols. Wees welkom in de Sint Martinusparochie in Geulle, de oudste van de drie parochies die in de
toekomst je werkterrein zijn, want vást staat, dat de Sint Martinusparochie over enkele maanden voor de tweede keer een millenniumviering meebeleeft. Zo oud is de parochie Geulle. je staat dus met je maat 43 op de schouders van vele generaties
illustere getoogde voorgangers. Dat schept zekerheden maar ook verplichtingen. Namens kerkbestuur en parochianen heb ik de eer je welkom te heten in onze bijzondere kerkgemeenschap, die sinds enkele jaren voor het eerst in de geschiedenis van
meer dan 1000 jaar een eigen parochie-gebonden herder moet missen. Dat doet pijn. Hoe blij we zijn met de nieuwe assistentie voor pastoor Dohmen in jouw persoon, moge blijken uit de verwelkoming die parochianen en met name de buurtvereniging
'In de Peel' je bereiden. We maken ons geen illusies, dat jij, René Schols, in de gesignaleerde priester-lacune gaat voorzien. Dat zou niet gaan, al zou je het willen. Maar dat neemt niet weg, dat hier voor een jonge enthousiaste
priester een enorm werkterrein braak ligt. Kijk om je heen en volg mijn vinger. De Sint Martinusparochie heeft álles te bieden wat een bloeiende parochie van node heeft. We hebben een bloeiend maar veelal hinkend contingent vertegenwoordigers
van de derde generatie. Zij hebben de hitte van de strijd des levens doorstaan en zouden niets liever zien dan naast lichamelijke verzorging op hun oude dag óók een adequate geestelijke verzorging en begeleiding. Ga er maar aan staan. We hebben een bloeiende middenstand, die - evenals overal elders - weet te geven en te nemen. We hebben een GTI-club, die een beetje stuurloos is geraakt en een goede instructeur best kan gebruiken. We hebben een bloeiend
verenigingsleven, dat vele noten op zijn zang heeft. Want waar vind je in een zo'n betrekkelijk kleine gemeenschap een harmonie én een fanfare, beide van grote kwaliteit en kwantiteit en beide vele malen gelauwerd. Oordeel zelf, je hebt ze
zojuist allebei kunnen beluisteren. Waar vind je in zo'n betrekkelijk kleine gemeenschap een goed gevoiced mannenkoor dat bekendheid geniet van Brommelen tot Ulestraten? En wáár of all places vind je een Dameskoor als het onze,
dat in elk geval steeds meerstemmig zingt? En wat te denken van een gerenommeerd jongerenkoor dat bezig is uit zijn as te herrijzen? En dan vergeten we niet onze hengelsporters, die de vissen in het Latijn toespreken. En onze scouts met hun
hopmannen en hopvrouwen. Onze Appolonia's en anderszins in verenigingsverband en solistisch optredende dames. Onze carnavalsvereniging, die zó knots is dat men in Bunde en in Elsloo weet te vertellen, dat hier in Geulle naast elke muzikant een
gek woont. Vergeten we niet onze actieve buurtverenigingen, waarvan 'In de Peel' vandaag deze processie organiseert annex jouw welkom. Vergeten we ook niet ons medisch trio, dat in de telefoongids vermeld staat als "de ingebeelde
ziekte". Vergeten we in zijn algemeenheid niet de vele mooie meiden en knappe jongelingen, waarom Geulle door velen wordt benijd! En tot slot: let eens op onze voetbalclub. je moet me beloven dat dit onder ons blijft en dat je het
voorlopig zeker niet in Kerkrade zult vertellen, want dan komen ze niet, maar binnenkort gaat Geulsche Boys Roda JC een bijlesje voetbal geven. Let op m'n woorden.
Dát, kapelaan René, is je werkterrein. De oogst is geweldig. Wat zeg ik? Overweldigend! Maar werklieden zijn er weinig. Jij bent slechts één van de twee priesters die wij voor het binnenhalen van die geestelijke oogst ter beschikking
hebben - en dat nog slechts parttime. jij bent afkomstig uit het deel van Limburg, dat zich Parkstad pleegt te noemen in plaats van het meer bij de werkelijkheid aansluitende Probleemstad. je hebt het derhalve waarschijnlijk niet van jongs af
aan meegekregen, de wetenschap dat het binnenhalen van de oogst een 'hell of a job' is. Kijk maar eens naar de land- en tuinbouwers van Geulle, wanneer die bij tij en ontij erop uittrekken om te oogsten. Volg hun voorbeeld!! Om een,
geestelijken meer aansprekend, beeld te gebruiken: de wijngaard hangt vol druiven maar het is vandaag de dag niet anders dan Christus 2000 jaar geleden reeds moest constateren: er zijn slechts weinigen beschikbaar om te oogsten. Vandaar dat de
wijn zo prijzig is! In Geulle hebben we er vanaf vandaag een geestelijke bij om bij de oogst te helpen. Wil je nog een ander Bijbels beeld, dat ook in schapenfokkersdorp Geulle tot de verbeelding spreekt? Wijd mijn kudde, wijd mijn
schapen", gaf Christus met name zijn apostelen en via hen zijn priesters als taakomschrijving mee. Welnu, de Geulse kudde is groot, zó groot dat veel schaapjes her en der uitwaaieren, zo ver van de kudde vaak, dat velen de koers dreigen
kwijt te raken en in plaats van witte - zwarte schapen dreigen te worden. Voor een herder ligt hier een zee aan werk. En een herder kent men niet aan zijn lange getailleerde toog of zijn achterstevoren gedragen boord, maar aan zijn daden! Kapelaan René, je begrijpt waarom je hier welkom bent. Niet om er te zijn, maar om er te wérken. Daarvoor ben je priester geworden en daarom heb je gehoor gegeven aan de roepstem van je grote Voorbeeld en Voorganger.
Hij heeft je geen leuk en luxe leven voorgehouden, maar een leven dat in dienst staat van de aan jouw zorgen toevertrouwde gelovigen. En die zijn veeleisend. Aan jou de taak hen niet teleur te stellen. Bekend is dat je een groot
bewonderaar bent van Don Bosco. In bescheidenheid benader je deze heilige reeds. Het veelkleurige herdenkingsprentje van je priesterwijding immers bevat tal van namen, alleen die van jou als wijdeling ontbreekt. Wees méér dan een bescheiden
volgeling van Don Bosco, wees ook een návolger van deze zielenherder pur sang. Vraag je steeds opnieuw weer af, hoe hij in bepaalde situaties gehandeld zou hebben en handel zoals hij gedaan zou hebben. Dan zit je goed. Een goed begin is reeds,
dat dank zij jouw komst en zo lang het samengaan met de parochie Waalsen/Moorveld niet gerealiseerd wordt, vanaf zaterdag 26 juni in onze parochie de avondmis op zaterdag in ere wordt hersteld. Tijdelijk weliswaar, maar ook tijdelijke
verbeteringen zijn verbeteringen! Om je bij je werkzaam leven als kapelaan een beetje tegemoet te komen hebben de beide parochies Bunde en Geulle je een tegoedbon voor de aanschaf van een fiets aangeboden. Koop er een met 14
versnellingen, dat is het dubbele aantal van de hoeveelheid sacramenten die onze Moeder de H. Kerk ter beschikking heeft en 4 méér dan de Tien Geboden die zij ons als verkeersregels in het circuit van het leven voorhoudt. En besef wel, als je
deze fiets onder je gebenedijde derrière hebt, dat zij wat ons betreft vooral bedoeld is om náár Geulle toe te racen. De weg naar elders is geplaveid met vals plat. Voor verwachtingsvol toekijkend Geulle ben je een nieuwkomer, een revelatie,
in het peloton, van wie we grootse verwachtingen hebben. Ga voor de gele trui! Kapelaan René, parochianen en kerkbestuur van Geulle heten je welkom en wensen je alle succes om in goede samenwerking en harmonie met pastoor Dohmen -
naar de inzetten van Gloria en Credo te oordelen, hebben jullie dezelfde koorschool gevolgd - om samen dus met pastoor Dohmen als het onafscheidelijke en niet te scheiden pastorale duo Guus en René hier te werken tot heil van ons allen en van
jezelf! Ite, missa est. Alleluia Winus de Rouw Ook dit is 't leven. Als men in Limburg enkele dagen bij de baas verzuimt wegens een griepje of een of ander klein ongemak, dan spreekt men van
"ziek vieren". Omdat het woord "vieren" nog steeds vooral de betekenis heeft van feesten, is deze term dus niet zo goed gekozen. Ik kan van ondervinding spreken en denk er dus heel anders over. Sinds een jaar of vijf sukkel
ik behoorlijk met mijn gezondheid en omdat mijn benen niet meer zo erg willen, ben ik min of meer aan huis gekluisterd. Alleen voor bezoek aan huisarts of de specialist in het ziekenhuis (met de auto) kom ik er zo nu en dan nog eens uit, ik
moet daarom veel dingen missen. Het eerste wat ik vroeger deed was in de vroege morgen een fikse wandeling maken door ons mooie Geulle. Hier en daar werd een praatje gemaakt met vrienden of kennissen- zodoende bleef je op de hoogte van het wel
en wee in 't dorp. Tevens kon je dan mooi genieten van de natuur. Er was steeds wel wat nieuws te zien: mooie bloemen langs het Julianakanaal en in 't water moeder-eend met 'n heel stel jongen achter zich aan. Schitterend om te zien hoe die
kleine donzige bolletjes moesten pezen om mama bij te houden. Jammer dat deze kleine eendjes een welkom hapje zijn voor de waterratten in het kanaal. Langs het bos dartelden de jonge konijntjes in 't zonlicht en staken jonge vosjes
nieuwsgierig hun kopjes met die lange oortjes boven hun hol uit, niet te lang natuurlijk, want het gevaar loerde immers overal. Het niet meer kunnen wandelen en het werk in de moestuin niet meer aankunnen mis ik nog steeds. Tuinieren was
altijd een grote liefhebberij en ik bracht dan ook in het voorjaar en 's zomers vele uren in de tuin door. Een geluk is, dat ik veel van lezen houd en de krant wordt iedere dag uitgespeld. Daarbij zijn puzzelen en t.v.-kijken (vooral als er
voetbal of wielrennen op de buis is) een goed tijdverdrijf Nadelen zijn er nu genoeg genoemd. Een ding moet je zeker vermijden en dat is "prakkezeren". Je moet niet gaan denken "hoe lang heb ik nog" of "hoe lang moet
ik nog" of zelfs "hoe lang mag ik nog". Weeklagen heeft geen zin en iedere dag is echt niet hetzelfde: ben je met het goede been uit bed gestapt of niet, schijnt het zonnetje of zit ze nog achter de wolken, helpen de
pijnstillers vandaag beter dan gisteren? Allemaal dingen, die je humeur kunnen bepalen: het zijn immers de kleine dingen die het doen. Gelukkig kan ik rekenen op een zeer goede verzorging door mijn vrouw, met wie ik reeds ruim 45 jaar mijn
leven deel. Haar is echt niets teveel. Hulde en dank. Ook van mijn kinderen en hun partners heb ik voldoende hulp en aandacht. Een heel voornaam iets mag ik zeker niet vergeten en dat is: bezoek. Te kunnen praten met buren of vrienden, al is
het maar over koetjes en kalfjes, is iets bijzonders op de soms toch eentonige dagen. Ik schreef reeds dat klagen geen zin heeft. Wat ik duidelijk wilde maken is, dat ziek zijn geen "vieren" is, doch gewoon je lot ondergaan, daarbij
hopen dat het misschien toch nog goed komt en denken aan de woorden van onze generaal in de Indonesië-tijd. Wij noemden hem "Ome Piet en hij zei: "Mannen, we moeten roeien met de riemen, die we niet hebben !"
|
 |