|
Stichting "Leefbaar Geulle aan de Maas"
--- Berichten ---
standpunt Samenwerkende Organisaties en Bewoners Grensmaas ten aanzien van het Basisplan.
Aan
Gedeputeerde Staten van Limburg
Provinciale Staten van Limburg
Vaste cie. Verkeer en Waterstaat
Vaste cie. Ruimte en Groen
De provinciale werkgroep Basisplan
Grevenbicht, zondag 4 november 2001
Betreft: standpunt Samenwerkende Organisaties en Bewoners Grensmaas ten aanzien van het Basisplan.
Samenwerkende Organisaties en Bewoners Grensmaas is een overlegplatform van bewoners- en andere organisaties uit het Grensmaasgebied,
dat sinds begin 2001 tot gezamenlijke meningsvorming inzake de Grensmaas tracht te komen. Ca. 25 organisaties nemen deel aan het overlegplatform:
dorps-en buurtraden uit Bosscherveld, Borgharen, Itteren, Geulle, Nattenhoven, Obbicht, Grevenbicht, Buchten en Visserweert, natuur-en heemkundeorganisaties, belangen-en actiecomité's, een visserijvereniging en de stichting Ontgrinden Nooit.
Dit platform representeert een belangrijk deel van het maatschappelijk draagvlak. Zowel de staatssecretaris alsook de provincie Limburg hebben aangegeven
dat draagvlak een belangrijke randvoorwaarde voor elk Grensmaasplan is.
Een aantal van deze organisaties zijn reeds tien jaar verenigd in het Federatief Verband tegen Ontgrindingen. Vanaf 1991 denken betrokken
organisaties mee over de toekomst van de Grensmaas; in de periode '91-93'ging het om plannen waarin natuurontwikkeling gerealiseerd werd door rivierverruiming
en ontgrindingen. In de periode '93-'95 is daar de doelstelling "bestrijding hoogwater" als primaire doelstelling aan toegevoegd.
De afgelopen 10 jaar hebben wij bijgedragen aan meerdere plannen vanuit een positieve en constructieve grondhouding, waarbij wij het
concept "veiligheid en natuurontwikkeling door rivierverruiming waarbij grind vrijkomt" onderschreven hebben. Steeds hebben wij
een afweging gemaakt tussen baten en lasten die de planvorming met zich mee brengt.
Recentelijk heeft een provinciale werkgroep onder leiding van dhr. De Waal Malefijt in de reeks van plannen,
het Basisplan gepresenteerd. Dit plan op hoofdlijnen is tot stand gekomen in de periode juli-november 2001. Het
platform is intensief bij de planvorming betrokken en het overleg kende een open en constructief karakter. Desalniettemin hebben wij
van meet af aan bedenkingen bij de budgetneutraliteit die in de planvorming nagestreefd wordt: veiligheid mag naar onze mening
geld kosten en wij vinden het vanzelfsprekend dat een overheid in die veiligheid investeert. Toen de provincie in juni aankondigde
in korte tijd een nieuw plan voor de Grensmaas op te willen stellen, hebben de organisaties besloten constructief deel te nemen
aan het overleg. Ten behoeve van dit overleg heeft het platform het zogenaamde Gemeenschappelijk Kader t.b.v.
de Grensmaas opgesteld en in een latere fase de 5 Kernpunten.
Kortheidshalve komt de inhoud van voornoemde documenten op het volgende neer:
- Het realiseren van veiligheid door rivierverruiming wordt als primaire doelstelling van het project gezien. Dat betekent beperking van activiteiten tot het gebied tussen de kaden (noord) en het stroomvoerend winterbed (zuid). Binnen de gebieden voor rivierverruiming kunnen nieuwe natuurgebieden ontstaan die aangevuld en versterkt worden met onvergraven natuur.
- Het plan voor de Grensmaas kent geen dekgrondbergingen, plassen of geulen buiten voornoemd winterbed. Binnen het winterbed kent het plan geen plassen.
- Per hindergebied/ winlocatie wordt gestreefd naar een zo kort mogelijke uitvoeringsperiode waarbij een maximum van 4 jaar per locatie geldt. Verwerking en verlading geschieden zo ver mogelijk verwijderd van de woonkernen.
- Het Grensmaasplan betekent een definitieve afronding van de grindwinning in Limburg, zowel voor de nationale als ook de regionale behoefte.
- Er komt een nulmeting voor de technische staat van de woningen. Indien schades ontstaan, dient de uitvoerder/overheid aan te tonen dat de schade niet ontstaan is door het project.
Eerder deze week hebt u van ons een brief ontvangen met een voorlopig standpunt, omdat wij nog niet in staat
waren geweest om het plan met onze achterban te bespreken. De afgelopen week hebben wij dat wel gedaan.
Achtereenvolgens constateren wij ten aanzien van het basisplan het volgende:
- In het Basisplan is in vergelijking met het VKA sprake van minder rivierverruiming en grotere dekgrondbergingen.
- De dekgrondbergingen in Trierveld en Itterse veld zijn gelegen buiten het stroomvoerend winterbed dan wel de kades en dragen als zodanig niet bij aan rivierverruiming en vergroting van de veiligheid. De dekgrondberging in de locatie Meers wordt ongeveer 2 maal zo groot als in rompplan.
- De voorgestelde verwerking en verlading in het Itterse veld achten wij niet acceptabel.
- Het argument dat de bergingen deze omvang moeten hebben omdat dat noodzakelijk is voor de berging van dekgrond uit de rivierbedding, blijkt onjuist. Dat blijkt onder anderen uit het afwerken onder maaiveldniveau.
- De grootte van de dekgrondbergingen wordt vooral bepaald doordat het project kostenneutraal uitgevoerd moet worden: met de grindomzet en -opbrengst wordt het plan financieel sluitend gemaakt.
De SOBG concluderen dat het Basisplan niet voldoet aan de voornaamste uitgangspunten uit Gemeenschappelijk Kader en 5 Kernpunten: met
name de dekgrondbergingen in Trierveld en Itterse veld zouden alsnog uit het Basisplan geschrapt moeten worden.
Ons inziens dragen de locaties niet bij aan de veiligheid en natuurontwikkeling, zijn er alternatieven denkbaar om de dekgrond
te bergen en komen deze locaties uitsluitend en alleen aan snee om het project te financieren.
De stuurgroep heeft eerder de opdracht aan de ambtelijke werkgroep bijgesteld in die zin dat onderzocht zou worden of het technisch haalbaar
was om de locaties Itterse veld en Trierveld te laten vervallen, c.q. te verplaatsen en welke financiële gevolgen
dit zou hebben. In het overleg met de provincie is gebleken dat het technisch haalbaar is en dat de meerkosten daarvan
ca. 100 tot 150 mln zouden bedragen.
Het Samenwerkingsverband Organisaties en Bewoners Grensmaas heeft grote twijfels bij de onderbouwing van de meerkosten en de geraamde
grindopbrengsten:
- Wat betreft de meerkosten; gecalculeerd zijn bedragen die gebaseerd zijn op vermindering van de grindomzet.
- Wat betreft de geraamde grindopbrengsten zijn kengetallen gebruikt die wellicht in veel situaties gunstiger zullen uitvallen.
Volgens de Samenwerkende Organisaties en Bewoners Grensmaas zijn andere varianten denkbaar waarbinnen de doelstellingen veiligheid en natuurontwikkeling
gerealiseerd worden, de dekgrondbergingen achterwege kunnen blijven en sprake is van een geringer kostenplaatje.
Daarnaast hebben wij een aantal locatiespecifieke bezwaren, die wij later zullen toelichten.
Samenvattend constateren wij dat voor wat betreft onze achterban er nog onvoldoende draagvlak is.
Wij adviseren het college van GS en provinciale Staten dan ook om:
- Het basisplan niet vast te stellen ;
- aan te dringen op onderzoek naar varianten waarin dekgrondbergingen substantieel kleiner worden en verplaatst worden naar de gebieden die bestemd zijn voor rivierverruiming;
- het uitgangspunt budgetneutraliteit los te laten in die zin dat een bedrag beschikbaar komt voor hoogwaterbescherming.
Zoals u van ons gewend bent, zijn en blijven wij bereid tot vervolg-overleg,
Namens de Samenwerkende Organisaties en Bewoners Grensmaas,
N. Naus
Woordvoerder
correspondentie: Rondstaai 5, 6127 AC, Grevenbicht.
|
 |
|